Oude radartoren Oostende wordt afgebroken voor verbreding havengeul

Vanaf dinsdag 17 september wordt in de haven van Oostende gestart met de afbraak van de voormalige radartoren op de Halve Maandijk op de oosteroever. De 30 meter hoge toren is 30 jaar oud en was enkele jaren niet meer in gebruik. De toren zal van boven naar beneden in stukjes worden ‘genepen’. De afbraak van de radartoren is noodzakelijk om de havengeul te kunnen verbreden en zo de toegankelijkheid van de haven van Oostende te verhogen.

Economie versterken en beschermen tegen overstromingen
De afbraak van de radartoren is noodzakelijk voor het project ‘Verbreding havengeul ter hoogte van Halve Maan’. Dat project maakt deel uit van het geïntegreerd plan kustverdediging en maritieme toegankelijkheid Oostende, ook het ‘openbare werken’ of OW-plan genoemd. “Met dit plan beschermen we Oostende tegen overstromingen en versterken we tegelijk de economische positie van de haven”, zegt Ben Weyts, Vlaams minister van Openbare Werken. “Na de verbreding zal de haven toegankelijk zijn voor grotere jumbo ferry’s (197 m), cruiseschepen (218 m), vrachtschepen (150 m) en installatieschepen voor windmolens (148 m).”

De oude en de nieuwe radartoren in Oostende

Havengeul tot 145 meter breed
Om grotere schepen toegang te geven tot de Oostendse haven wordt de toegangsgeul verbreed van 85m naar 125 m vooraan de Halve Maan-site. Achteraan, ter hoogte van de ingang Visserijsluis, wordt de geul verbreed tot 145m. In het zuidelijke deel wordt een verticale wand met een onderwaterberm geplaatst. In het noordelijk deel kant vaargeul komt aan de vaargeul een nieuw talud dat gelijkaardig is aan de huidige hellende structuur. De deklaag daarvan zal grotendeels bestaan uit betonnen HARO-blokken. Het bestaand talud aan de noordkant wordt ook verstevigd met een laag HARO-blokken. Het verbreden van de havengeul gebeurt op basis van vaarsimulaties van het Waterbouwkundig Laboratorium van de Vlaamse overheid. Dat opende in mei nog een nieuw maritiem onderzoekscentrum in de Oostendse achterhaven.

Over de werken
De werken voor het OW-plan verlopen in opdracht van de afdeling Maritieme Toegang van het Departement Mobiliteit en Openbare Werken.

Veilige en vlotte scheepvaartbegeleiding dankzij radartoren
De oude radartoren werd in 2016 vervangen door een nieuwe en grotere (56 m) toren. Die nieuwe toren staat meer zeewaarts op het uiteinde van de oostelijke havendam en heeft daardoor een groter radarbereik op zee. De toren maakt deel uit van de Schelderadarketen (SRK): een netwerk van vijf bemande verkeerscentrales, 22 onbemande radartorens en heel wat technische tools waarmee Vlaanderen en Nederland de scheepvaart begeleiden van volle zee tot aan de kade. Deze internationaal verplichte service wordt in Vlaanderen verleend door de afdeling Scheepvaartbegeleiding. De nieuwe radartoren werd ook gebouwd door de afdeling Maritieme Toegang, in opdracht van de afdeling Scheepvaartbegeleiding.

De oude radartoren op de voorgrond (copyright: afd. Maritieme Toegang)

Grote zoekactie naar twee vermiste duikers

Op zondagnamiddag 15 september zijn twee personen na een duik op een scheepswrak niet aan het wateroppervlak verschenen. Snel werd alarm geslagen en startte vanuit een Maritiem Reddings-en Coördinatiecentrum in Oostende een grote zoekactie.

De werkvloer van het Maritiem Reddings- en Coördinatiecentrum

Hierbij werden volgende middelen ingezet:

  • HN90, de helikopter uit Koksyde
  • De Sirius en de Orka van VLOOT
  • De Brandaris van Ship Support
  • SPN09 van de Scheepvaartpolitie
  • De Jean Bart van de Franse Kustwacht

Ook de bootjes van de duikers bleven in de buurt.

Rond 18:00 was er een gecoördineerde duik met duikers van de Marine en ook recreatieve duikers, maar zonder resultaat. Ook een zoekactie in het duister met de heli en infraroodcamera leverde niks op.

Met het eerste daglicht op 16 september zocht een heli van de Franse Marine een laatste keer in de zoekbox, die intussen door de werking van getij en stromingen terug groter was geworden.

De zoekbox op 15/9 rond 20:00

De zoekbox op 16/9 rond 09:00

Een mooie nazomerdag eindigde ondanks de inzet van al deze middelen in mineur.

Alle betrokken zeereddingsdiensten leven mee met de getroffenen.

 

Twaalf stagiairs voor de Vessel Traffic Services bij afd. Scheepvaartbegeleiding

Op maandag 2 september zijn bij de afdeling Scheepvaartbegeleiding twaalf stagiairs gestart met de opleiding tot verkeersleider waarvan acht voor verkeerscentrale Zeebrugge en vier voor Zandvliet.

Hun basisopleiding neemt drie maanden in beslag en bestaat uit modules voor nautische kennis, regelgeving, apparatuur, communicatie, simulatortraining en werkbezoeken. Daarna start de regio-specifieke opleiding die zes  maanden duurt en waarin regiokennis, lokale regelgeving, simulatortraining, ‘on the job’- training en vergezelreizen aan bod komen.

“Ik kende de maritieme omgeving niet, ik kom hier dus met een frisse blik binnen. Het voelt ook echt aan als een eerste schooldag. Er gaat een wereld voor me open, ik ben benieuwd naar de rest van het traject.” zo zegt de enthousiaste Vincy.

Instructeurs van de afdeling Scheepvaartbegeleiding geven de opleidingen, aangevuld met lesgevers van andere MDK-partners en externe trainingsinstituten.

In februari kreeg de VTS-opleiding het kwaliteitslabel ISO:9000 2015 én de accreditatie dat de opleiding conform de internationaal vastgelegde aanbevelingen van de  International Association of Lighthouse Authorities  (IALA) en de International Maritime Organisation (IMO) verloopt.

De nieuwe verkeersleiders voor afd. Scheepvaartbegeleiding

Eerder dit jaar startten al drie extra verkeersleiders (twee  voor verkeerscentrale Zandvliet en één  voor verkeerscentrale Zeebrugge) die inzetbaar zijn vanaf december 2019. Met 15 extra verkeersleiders – een verhoging van 18% van het huidige aantal – is de bezetting van alle VTS- centrales vanaf mei 2020 weer op peil en kan de VTS met volle slagkracht haar taken uitvoeren.

Wij wensen deze nieuwe verkeersleiders alvast veel succes in hun loopbaan.

Zeilboot met gebroken mast bij Vlissingen

Het agentschap voor Maritieme Dienstverlening en Kust volgt samen met Rijkswaterstaat het scheepvaartverkeer in het Scheldegebied nauwlettend op. De zomermaanden zijn een drukke periode op onze waterwegen onder meer door de vele pleziervaarders.

Op maandagochtend rond 08.15 uur kreeg de Gemeenschappelijke Nautische Autoriteit (GNA) in Vlissingen de melding dat een zeilboot een gebroken mast had. Het bootje bevond zich in de Sardijngeul en was net Vlissingen aan het verlaten.

De loodsboot Raan van VLOOT kreeg een oproep om de eerste assistentie te verlenen. Het schip was onmiddellijk ter plaatse en bleef in de buurt van het zeiljacht dat door de vloedstroom opwaarts dreef. De GNA bracht ook de Koninklijke Nederlandse Reddingsmaatschappij (KNRM) op de hoogte. De reddingsdienst borg eerst het zeil en de mast en nam vervolgens de zeilboot op sleep naar Breskens.

 

 

Bijzondere transporten – ook op zee.

Vervoer van onderdelen vanuit de  haven van Oostende voor het windmolenpark Northwester 2 gaat van start.

 

Geladen met onderdelen voor het windmolenpark verlaat de Vole au Vent de haven van Oostende.

Vanaf zondag 28 juli vertrekken er vanuit de haven van Oostende bijzondere transporten met onderdelen voor het nieuwe windmolenpark Northwester 2, het zevende offshore-windmolenpark.

Het gaat om twaalf reizen die telkens vijf dagen duren. Het transport gebeurt met de Vole au Vent. Het inschepen van de onderdelen gebeurt via ship to ship transfer. Dat betekent dat de onderdelen van het ene schip overgeladen worden op het andere. De heavy load coaster  Aura ligt langs de Vole au Vent.

De onderdelen die nog op de coaster Aura liggen, klaar om op de Vole au Vent gezet te worden.

 

De Vole au Vent laadt de windmolenonderdelen vanop de Aura.

De bouw van een windmolenpark op zee is sowieso een technisch hoogstandje. Maar wist je dat bij de bouw ervan ook een rol is weggelegd voor het agentschap voor Maritieme Dienstverlening en Kust?

Om de veiligheid van het andere scheepvaartverkeer te garanderen, stelt het Maritiem Reddings- en Coördinatiecentrum (MRCC) bijzondere voorwaarden op. Zo zijn er bij elke vaart twee kustloodsen van het Loodswezen aan boord. Zij gidsen de vaartuigen door het drukke vaarwater voor onze kust. Voor het volledige beloodsingstraject moet de zichtbaarheid ook 1000 meter bedragen. De eerste afvaart gebeurt bij daglicht.

Ook voor het andere scheepvaartverkeer gelden bijzondere maatregelen:

  • De veerdienst van Vloot zal een korte onderbreking kennen. Van zodra de havengeul opnieuw gekruist mag worden, zal ook het veer terug varen.
  • De werken aan de Halve Maandijk mogen het transport niet belemmeren.
  • Tegenliggend verkeer van en naar Oostende is niet toegestaan. Port Control Oostende en de verkeerscentrale van Zeebrugge zien hierop toe.

Vloot markeert de werkzone met de nodige boeien, in opdracht van het MRCC. In de Berichten aan Zeevarenden van afdeling Kust zijn tijdelijke kaartcorrecties opgenomen om het scheepvaartverkeer zo vlot en veilig mogelijk te blijven garanderen. Het passageplan, opgesteld door het Loodswezen, werd  dan weer verspreid via een Scheldescheepvaartbericht. Het intern noodplan werd afgestemd met het MRCC, goedgekeurd en verspreid op de werkvloer.

Het nieuwe windmolenpark Northwester 2 zal met 23 windmolens 220.000 huishoudens van elektriciteit kunnen voorzien. De 274 windmolens die er nu al staan, zorgen al bij een miljoen Belgische gezinnen voor blauwe stroom.

De Vole au Vent, klaar om te vertrekken.

De Permanente Commissie voor Toezicht op de Scheldevaart (PC) wil de nautische veiligheid op de Westerschelde vergroten.

Op advies van de Commissie Nautische Veiligheid Scheldegebied (CNVS) gelden scherpere veiligheidsmaatregelen voor de binnenvaartpassagiersschepen op de Westerschelde.

Zo vraagt de Gemeenschappelijke Nautische Autoriteit (GNA) lijsten op van binnenvaartpassagiersschepen die verwacht worden in de verschillende havens. Dit helpt om een beter overzicht te krijgen van het aantal binnenvaartpassagiersschepen op de rivier. De Westerschelde is een open zeearm met getij en druk verkeer. Vanwege de bijzonderheden op dit vaarwater adviseert de GNA eventueel een loods aan boord te nemen die de kapitein helpt de haven veilig te bereiken.

Kapiteins krijgen momenteel folders mee met de specifieke eigenschappen van de Westerschelde. Daarnaast zijn gesprekken voorzien met de sector om simulatortrainingen en/of klassikale toelichtingen aan te bieden over de bijzonderheden van dit vaarwater. Deze maatregelen moeten bijdragen aan de veiligheid op de Westerschelde.

Vroegtijdig aanmelden.

Op dit moment melden schepen zich via de marifoon op het moment van betreden van het GNB-gebied. Zowel de Nederlandse als Vlaamse overheid onderzoekt of het mogelijk is een meldingsplicht 48 uur voor het betreden van het GNB-gebied in te voeren. Op basis van de verkregen gegevens kan de GNA voor ieder binnenvaartpassagiersschip een risicoanalyse uitvoeren. Indien de analyse aantoont dat er een groot risico is, dan kan de GNA voor het betreden van het GNB-gebied een loods voorschrijven om de veiligheid te garanderen.

Vooruitlopend hierop zal de GNA, bij ernstige twijfel, vanaf nu op basis van veiligheidsrisico’s verbonden aan de vaart van een bepaald binnenvaartpassagiersschip, een ad hoc loodsplicht opleggen.

Viking Idun

Aanleiding voor deze voorgenomen maatregelen is het incident met de Viking Idun op 1 april 2019. Dit binnenvaartpassagiersschip kwam bij Terneuzen in aanvaring met een tanker. De Onderzoeksraad voor Veiligheid voert een onderzoek uit naar deze aanvaring. Resultaten daarvan worden eind september 2019 verwacht. De voorgenomen maatregelen van de PC worden met de Onderzoeksraad voor Veiligheid afgestemd.

 

 

De Permanente Commissie van Toezicht op de Scheldevaart is het hoogste orgaan in de organisatie van het Gemeenschappelijk Nautisch beheer. Ze is verantwoordelijk voor de veilige en vlotte afwikkeling van het scheepvaartverkeer in het Scheldegebied.

Het Gemeenschappelijk Nautisch Beheer (GNB) betekent dat Vlaanderen en Nederland op nautisch vlak samenwerken in het Scheldegebied om vlot en veilig scheepvaartverkeer te organiseren van en naar de Scheldehavens. De nautische samenwerking is juridisch verankerd in het GNB-verdrag.

De Gemeenschappelijke Nautische Autoriteit (GNA) zorgt samen met de verkeersleiders (Vessel Traffic Services (VTS)) voor de dagelijkse vlotte en veilige afhandeling van de scheepvaart in het Scheldegebied.

De Commissie Nautische Veiligheid Scheldegebied (CNVS) bestaat uit Vlaamse en Nederlandse autoriteiten die betrokken zijn bij het scheepvaartverkeer op de Westerschelde, de leiding van de GNA, vertegenwoordigers van de beide loodswezens en de Vessel Traffic Services.

 

 

Oefening afsprakenregeling drenkelingen

Op dinsdag 2 juli was er een grote oefening om de afsprakenregeling drenkelingen te testen.

Strandredders halen drenkeling uit het water

Het scenario was: vier vrienden beslissen na een nachtje stappen in Oostende om met een snel motorbootje de zee in te gaan.  Ze hebben alcohol gedronken en zijn wat roekeloos.  Twee van hen gaan rechtop staan, verliezen het evenwicht en komen in zee terecht. De bestuurder raakt in paniek en komt vast te zitten in de blokken voorbij de westelijke strekdam.  De resterende passagier komt op de rotsblokken terecht. Een getuige uit een appartementsgebouw in de omgeving, alarmeert de noodcentrale 112.

Het doel van deze oefening was:

  1. De afsprakenregeling drenkelingen testen;
  2. De alarmering van de betrokken interventiediensten testen;
  3. De onderlinge communicatie tussen de betrokken diensten op land, op zee en in de lucht testen;
  4. De uitbouw van de commandopost operaties op het terrein testen.

De strandredders sprongen direct in hun reddingsboot en begonnen met het zoeken op zee. Ze konden twee drenkelingen uit het water halen. Intussen was de reddingshelikopter NH90 vertrokken van op de luchtmachtbasis van Koksijde. De brandweer, lokale politie, ambulance en mug zetten koers richting het strand. Ook reddingsschepen van de scheepvaartpolitie, VBZR en Vloot helpen mee zoeken.

MRCC Oostende, waar de oproep binnenkomt

De alarmering verliep via de Noodcentrale 112, de politie, de politie, het Maritiem Reddings- en Coördinatiecentrum MRCC en het maritiem Informatie kruispunt MIK. De brandweer zette een commandopost op de zeedijk. De NH90-helikopter was snel ter plaatse en lokaliseerde de overige twee drenkelingen. Eén werd met de helikopter uit zee gewincht en de andere door de scheepvaartpolitie aan boord gehaald.

Debriefing

Na de oefening volgde een debriefing. Het was een geslaagde oefening die toont dat de hulpdiensten klaar zijn om de bevolking bij te staan in geval van nood.

World Marine Aids to Navigation Day

Op 1 juli is het wereldwijd voor het eerst ‘World Marine Aids to Navigation Day’ van de International Association of Lighthouses and Aids to Navigation (IALA). Deze dag moet een grotere bekendheid geven aan alle middelen die de scheepsnavigatie ondersteunen.

Het thema is ‘Successful Voyages, Sustainable Planet’. Ook het agentschap voor Maritieme Dienstverlening en Kust is lid van IALA en werkt elke dag aan veilig en vlot  scheepvaartverkeer.

De meest markante ‘Marine Aids to Navigation’ zijn de vuurtorens. Hoewel de scheepvaart sterk geëvolueerd is en gebruik maakt van moderne technieken, blijven er nog  vuurtorens in Vlaanderen actief. Ze maken deel uit van het maritiem erfgoed en vormen voor bewoners en bezoekers aan onze kust een vertrouwd gezicht.

Vuurtoren Lange Nelle in Oostende

De fresnel-lens zorgt ervoor dat het licht ver verspreid wordt

Naast de traditionele vuurtorens zijn er tal van geavanceerde hulpmiddelen om de scheepvaart in goede banen te leiden. Zo biedt afdeling Scheepvaartbegeleiding Vessel Traffic Services aan. Langs de Westerschelde en op zee staan 22 onbemande radarposten Daarnaast zijn er vijf bemande verkeerscentrales (Zeebrugge, Vlissingen, Terneuzen, Hansweert en Zandvliet). Deze  vormen de Schelderadarketen. Verkeersleiders houden hier het scheepvaartverkeer nauwlettend in de gaten op de radarschermen, geven informatie en grijpen in bij onveilige situaties. Deze dienstverlening gaat over de landgrens heen waardoor er een intense samenwerking is met Nederland. De Schelderadarketen vormen de oren, de ogen en het geheugen van de scheepvaart.

Radartoren Oostende

Vessel Traffic Services is een dienstverlening die internationaal verplicht is door de International Maritime Organisation (IMO). Ook de opleiding tot verkeersleider is internationaal verankerd via IALA. Afdeling Scheepvaartbegeleiding organiseert deze opleiding zelf en is daarvoor door IALA geaccrediteerd. Interne instructeurs geven het merendeel van de opleidingsmodules. Verkeersleiders starten met een basisopleiding van drie maanden, onafhankelijk van de plaats waar ze terechtkomen. Na het succesvol afleggen van de basisopleiding volgt de regio-specifieke training van zes maanden met opnieuw theoretische modules, praktijktraining op de VTS-simulator, on-the-job training op de werkvloer en vergezelreizen met loodsen en een meerdaagse trip aan boord van een zeeschip.

Het Beheer- en Exploitatieteam (BET) in Vlissingen houdt de radarketen technisch up-to-date en zorgt voor duurzaam beheer en onderhoud. Het team volgt de technologische en innovatieve ontwikkelingen op de voet en is direct betrokken bij de systemen voor het scheepvaartverkeersmanagement. Zowel Vlamingen als Nederlanders werken samen in dit team.

VLOOT staat in voor de vaarwegmarkering op de Noordzee en in het Scheldegebied. Om de vaarweg aan te duiden, plaatst VLOOT boeien op bepaalde plaatsen met speciale vaartuigen. Het operationeel beheer en het onderhoud van deze navigatieboeien is ook in handen van VLOOT. De IALA-richtlijn speelt voor de boeien en bakens een belangrijke rol. Door deze richtlijn is de vaarwegmarkering wereldwijd uniform.

Kandinaalboei Noord (met zonnepaneel en LED)

De laatste jaren zijn heel wat inspanningen geleverd om het onderhoud te optimaliseren en de markeringen te moderniseren. Duurzame technologieën kregen hierbij bijzondere aandacht. Zo zijn ondertussen alle boeien uitgerust met een LED-lichtsysteem, gevoed door kleine zonnepanelen. Sinds deze omschakeling is het aantal ‘gedoofde’ lichten sterk afgenomen.

Ook de vaste systemen die aan de wal staan, ondergaan een verduurzaming. Deze ‘vaste vaarwegmarkeringen’ krijgen een LED-lichtsysteem dat volledig autonoom kan werken. De systemen wekken lokaal energie op door middel van bijvoorbeeld zonnepanelen.

Vaste vaarwegmarkering aan wal (baken)

Vuurtorens hebben al eeuwenlang de scheepvaart gediend. Zelfs als alle apparatuur zou uitvallen, kunnen ze nog altijd als baken functioneren. 1 juli  is hun dag, wij blazen geen kaarsje uit, maar wensen dat hun licht nog lang mag branden!

Redders op het strand zetten in op preventie

Vanaf zaterdag 15 juni vind je in elke kustgemeente minstens één geopende redderpost.

“De 82 reddersposten, verspreid over zo’n 34 km strand, zijn vanaf 1 juli opnieuw dagelijks open van 10:30u-18:30u. De kustgemeenten leveren ook een extra inspanning en voorzien vanaf 15 tot 30 juni en van 1 tot 15 september minstens één geopende redderpost per gemeente” zegt An Beun van de Intercommunale Kustreddingsdienst van West-Vlaanderen (IKWV) .

Strandredders klaar voor een nieuw seizoen

Veel preventie

Vorig jaar kwamen de redders 412 keer tussen voor baders en watersporters in moeilijkheden. Daarnaast vervulden ze ook een belangrijke rol voor 1708 verloren gelopen kinderen. “Wij zijn het eerste aanspreekpunt van de toeristen op het strand. Een onmisbare schakel”, besluit Beun.

“Maar ook preventie en sensibilisering zijn stokpaardjes: via diverse campagnes maken we de strandbezoekers ervan bewust dat ze in eerste plaats zelf verantwoordelijk zijn voor een geslaagde en veilige strandvakantie.”

Zo worden er voor het zesde jaar op rij 750.000 gratis polsbandjes verdeeld.

Gratis polsbandjes met Bumba en Samson op

Redders blijven ook aandacht geven aan het risico dat diepe putten graven met zich meebrengt.

Ook zetten ze hun schouders onder de campagne van Stiching tegen Kanker zodat mensen zich bewust zijn van de gevaren van de zon.

 

Wat als het ondanks alle preventie toch fout gaat?

Voor mensen in nood (o.a. verloren gelopen kinderen) langs de stranden is er de afsprakenregeling drenkelingen. We zetten hierbij zowel instanties op zee als aan land in, zoals de strandredders en de hulpcentrale 112, maar ook het Maritiem Reddings-en Coördinatiecentrum. Vorige zomer werd deze regeling 39 keer afgekondigd.

 

Hoe werkt de zeereddingsdienst?

Iedere kuststaat is internationaal verplicht om een Maritiem Reddings- en Coördinatiecentrum te hebben. Het MRCC Oostende is hét centrale meldpunt voor alle incidenten op zee, zoals schepen in nood, ongevallen en olieverontreiniging, maar ook personen in nood.

Op het MRCC wordt in shiften gewerkt, 24/7 om de veiligheid op zee en altijd een vlotte afhandeling van incidenten te kunnen garanderen. Het MRCC beluistert continu de internationale noodfrequenties zodat een noodoproep onmiddellijk wordt opgevangen. Zodra een noodoproep binnenkomt op het MRCC, analyseert de (nautisch) verkeersleider het incident. Hoewel ieder ongeval uniek is, werken ze er met draaiboeken en procedures. Al naar gelang het soort incident, zetten we reddingsboten en/of de helikopter in van onze partners.

Sticker van het MRCC

Afdeling Scheepvaartbegeleiding kent jaarlijks 120.000euro subsidie toe aan IKWV om de veiligheid aan onze stranden mee te waarborgen door opleiding en materiaal te voorzien.

“We hopen dat de zon deze zomer even fel zal schitteren als onze nieuwe uniformen”, besluit secretaris An Beun van IKWV.