De strandredders staan terug op post!

Vanaf dinsdag 15 juni vind je in elke kustgemeente minstens één geopende redderpost

“We zijn klaar voor een fantastische zomer”, zegt de voorzitter van IKWV Daphné Dumery. “Onze 82 reddersposten, verspreid over zo’n 34 km strand, zijn vanaf 1 juli opnieuw dagelijks open van 10u30-18u30.
Vanaf 15 juni kan je bovendien in elke kustgemeente op minstens één redderspost terecht voor een veilige plons in het water. Zo kan iedereen genieten van het strand en de zee in zijn/haar favoriete badplaats.
Op de website kan je per gemeente nagaan op welke post(en) je terecht kan.”

Net zoals vorige zomer blijft Covid-19 impact hebben op de werking van de strandreddingsdiensten. We rekenen er dan ook op dat de strandbezoekers ook dit jaar hun gezond verstand gebruiken en de nodige veiligheids-maatregelen in acht nemen.
De strandbezoekers kunnen er echter van op aan: de strandredders staan voor hen klaar!

Gekend zeezicht in de zomermaanden: de reddingsboten staan paraat ®ikwv

Zeereddingsdienst

Vlaams minister van Mobiliteit en Openbare Werken Lydia Peeters: “Zee en strand associëren we vaak met vakantie en ontspanning. Maar de zee kan ook gevaarlijk zijn. Het Maritiem Reddings-en Coördinatiecentrum in Oostende staat elke dag 24/7 paraat. Als er een ongeval is op onze Noordzee, komt de eerste oproep daar binnen en verloopt de verdere coördinatie vanuit het MRCC Oostende. Vanzelfsprekend is een goede afstemming en communicatie met àlle partners essentieel. In de zomermaanden zijn de strandredders vaak het eerste aanspreekpunt bij problemen op het strand en in de branding. Het is erg belangrijk dat ze in goede verbinding staan met de diensten van de zeereddingsdienst, zodat het MRCC in geval van nood de varende en de vliegende eenheden kan activeren. Wij voorzien via het agentschap voor Maritieme Dienstverlening en Kust de centrale communicatieapparatuur voor de strandredders. Hierdoor garanderen we een goede communicatie tussen strandredders onderling en de zeereddingsdienst van het MRCC.” 

De contactgegevens van het MRCC

Meer dan redden: preventie!
Vorig jaar kwamen de strandredders 594 keer tussen voor baders en watersporters in moeilijkheden. Daarnaast vervulden ze ook een belangrijke rol voor 1079 verloren gelopen personen. “Wij zijn het eerste aanspreekpunt van de toeristen op het strand. Een onmisbare schakel!”, besluit Dumery.

“Maar ook preventie en sensibilisering zijn onze stokpaardjes: via diverse campagnes maken we de strandbezoekers ervan bewust dat ze in eerste plaats zelf verantwoordelijk zijn voor een geslaagde en veilige strandvakantie.”

Zo worden er voor het achtste jaar op rij 750.000 gratis polsbandjes met de afbeeldingen van Samson en Plop verdeeld. Dit initiatief wordt mogelijk gemaakt door Studio100, AXA en de Vlaamse Milieumaatschappij.

Redders blijven ook aandacht schenken aan het risico dat diepe putten graven met zich meebrengt en ze blijven uiteraard ook waarschuwen voor de gevaren van de zon.

Polsbandjes met gegevens op: een grote hulp ®ikwv

Binnenvaartpassagiersschepen op de Westerschelde: geen sinecure

Binnenvaartpassagiersschepen zitten in de lift. Elk jaar vinden meer en meer binnenvaartpassagiersschepen hun weg naar de Westerschelde. Het coronavirus zorgde voor een onderbreking van het cruisetoerisme. Maar binnen afzienbare tijd kan het terug op gang komen. De Westerschelde is echter geen eenvoudige rivier om te bevaren. Hieronder lees je waar je op moet letten en welke regels je in acht moet nemen. We zetten alles nog eens op een rijtje in onze gloednieuwe folder!

De Westerschelde strekt zich uit over Nederlands en Belgisch grondgebied. Drie instanties waken over een veilige en vlotte scheepvaart op de Westerschelde: de Gemeenschappelijke Nautische Autoriteit, de verkeerscentrales en de loodsen. Maar binnenvaartpassagiersschepen dragen vooral zelf een grote verantwoordelijkheid om het scheepvaartverkeer op de Westerschelde veilig te laten verlopen.

Een rivier vol uitdagingen

Eric Adan, diensthoofd Gemeenschappelijke Nautische Autoriteit bij Rijkswaterstaat Zee en Delta: “De Westerschelde is een van de drukst bevaren rivieren ter wereld. Elke dag deelt een groot aantal zeeschepen de Westerschelde met binnenvaart en pleziervaart. Mastodonten volgeladen met containers varen naast riviercruises-schepen en plezierjachtjes. Het is opletten geblazen om dat allemaal zonder kleerscheuren te laten verlopen. Het aantal binnenvaartpassagiersschepen stijgt bovendien elk jaar, wat het scheepvaartverkeer nog drukker maakt.”

“Naast de drukte, kan ook de golfslag een reëel gevaar vormen. Binnenvaartpassagiersschepen zijn door hun bouw kwetsbaarder voor hoge golfslag dan andere schepen. Bovendien hebben ze vaak een groot aantal opvarenden (vergeleken met een binnenvaartschip of zeeschip). Als er iets mis gaat, zijn er meteen veel meer mensen in gevaar. Daarom is varen voor binnenvaartpassagiersschepen maar toegestaan tot een maximale golfhoogte van anderhalve meter”, vervolgt Rebecca Andries, Vlaams hoofd Gemeenschappelijke Nautische Autoriteit bij het agentschap voor Maritieme Dienstverlening en Kust.

De Westerschelde is bovendien een open zeearm, die onderhevig is aan het getij. De verschillen in waterstand tussen eb en vloed zijn groot. Bij laagtij komen tal van zandbanken bloot te liggen, waarop schepen kunnen stranden. Er zijn ook verraderlijke stromingen die een gevaar kunnen betekenen. Ook daar moeten binnenvaartpassagiersschepen rekening mee houden.

Regels op het water

Om het vaarverkeer veilig te laten verlopen, moeten binnenvaartpassagiersschepen een aantal regels volgen:

  • Kennis hebben van de marifoonprocedures. Via de marifoon dienen schepen hun binnenkomst in het vaargebied mee te delen. Alle info over de marifoonprocedures is terug te vinden via deze link.
  • Communiceren in het Nederlands of in het Engels.
  • Het aantal personen aan boord van het schip melden bij binnenkomst van het gebied.
  • Varen is toegestaan bij een golfhoogte van maximaal anderhalve meter en een zicht van minimaal 1000 meter
Deze info is terug te vinden in onze gloednieuwe folder ‘Binnenvaartpassagiersschepen op de Westerschelde, info & reglementering’.

Gentse Meulestedebrug is opnieuw open voor alle verkeer

Vandaag is de Meulestedebrug, een cruciale verkeersader in de Gentse havenregio, opnieuw in gebruik genomen. De Meulestedebrug liep op 24 oktober 2020 ernstige schade op door een aanvaring van een binnenschip. De brug werd onmiddellijk afgesloten met heel wat verkeershinder als gevolg. In nauw overleg tussen De Vlaamse Waterweg, stad Gent, North Sea Port, Voka en het agentschap voor Maritieme Dienstverlening en Kust (MDK) werden verschillende maatregelen getroffen om de hinder zo beperkt mogelijk te houden, waaronder de inzet van het extra veer. Vandaag eindigen de ‘minder hinder’-maatregelen en gaan we stilaan terug over naar de reguliere dienstverlening.

Meer dan 547 000 gebruikers geholpen

De Vlaamse Waterweg liet de tijdelijke vaste fiets- en voetgangersbrug, die nog gebruikt werd tijdens de vorige herstellingswerken, opnieuw installeren vlak naast de Meulestedebrug. Zo konden fietsers en voetgangers oversteken via de tijdelijke brug zonder een omleiding te volgen. Daarnaast voorzag Vloot een extra veer in Langerbrugge om het kanaal Gent-Terneuzen over te steken. Het extra veer voer op weekdagen tussen 7 en 19 uur om de wachttijden tijdens het drukste moment van de dag te beperken.

In totaal namen meer dan 547.000 gebruikers het veer tijdens deze periode. Dit is een stijging van 43% in vergelijking met een normale, coronavrije periode.

North Sea Port en Vloot leidden extra personeelsleden op om deze tijdelijke capaciteitsverhoging mogelijk te maken. Door de inzet van een tweede veerboot kon een vlotte dienstverlening gegarandeerd worden. Bedankt aan alle collega’s voor de extra inzet de voorbije periode!

Lees het volledige persbericht van De Vlaamse Waterweg hier.

foto: pre-corona

VACATURE adjunct directeur MRCC

Heb jij nautische kennis en een goed inzicht in de IAMSAR?

Wil je samen met je collega’s meehelpen aan de coördinatie en de behandeling van hulpverlening bij incidenten op zee? Dan zijn wij naar jou op zoek!

Als adjunct directeur MRCC ondersteun je de directeur in de aansturing van het team (nautische) verkeersleiders die instaan voor de continue dienstverlening van het Maritiem Reddings- en Coördinatiecentrum (MRCC). Je zorgt ervoor dat de medewerkers de nodige procedures en omkadering hebben om hun job goed uit te voeren. Je stelt richtlijnen en kwaliteitsnormen op en communiceert deze op een enthousiaste manier aan je team. Je krijgt mensen gemakkelijk mee in je verhaal en hecht belang aan een positieve groepssfeer. Je zorgt daarnaast voor een uniforme werking binnen de dienst, en evalueert de aanpak van incidenten. Geregeld organiseer je ook SAR-oefeningen om de werking van het team te optimaliseren.

Wil jij graag deel uitmaken van het boeiende Maritiem Reddings- en Coördinatiecentrum? Waag dan vandaag nog je kans!

Lees meer over de functie

Solliciteren kan tot en met 14 juni ’21. Standplaats is Oostende. Het contract is statutair.  

Nieuwe blikvanger op de Schelde

De nieuwe veerboot Marnix Van Sint Aldegonde voer gisteren voor het eerst uit met passagiers ter hoogte van Sint-Anna in Antwerpen. Vloot van het agentschap voor Maritieme Dienstverlening en Kust (MDK) verwelkomt zo een nieuw duurzaam schip. “De Marnix Van Sint Aldegonde is een milieuvriendelijke veerboot die uitgerust is met de meest moderne en onderhoudsvriendelijke materialen en technieken. Een enorme meerwaarde voor onze Vlaamse vloot. We investeren maar liefst 4,4 miljoen euro in deze nieuwe veerboot,” aldus Lydia Peeters, Vlaams minister van Mobiliteit en Openbare Werken.

Het nieuwe schip kwam onlangs over van de scheepswerf in Estland naar de locatie van Vloot in Antwerpen. De laatste noodzakelijke proeven werden vervolgens op de Schelde uitgevoerd. Deze proeven dienden om alle systemen te testen en waren belangrijk om over te kunnen gaan naar de voorlopige oplevering. Daarna volgde een periode van opleiding die nu afgerond is. De eerste ervaring van de bemanning is zeer positief, “een innovatief, stil schip met een laag verbruik en een ruim voordek voor fietsen. Een fantastische ervaring!

De nieuwe veerboot kan ingezet worden voor de overtochten ter hoogte van Sint-Anna, Kruibeke-Hoboken of Bazel-Hemiksem. Met 30 meter lengte en 9,5 meter breedte is er plaats voor 200 passagiers en 75 fietsen. Met de geldende coronamaatregelen neemt het veer op dit moment maximum 35 passagiers mee per overtocht. Ook de valbruggen kunnen heel eenvoudig en snel in hoogte ingesteld worden zodat de Marnix Van Sint Aldegonde quasi aan elk ponton kan afmeren.

Op en in het schip zitten heel wat groene maatregelen geïntegreerd. De zonnepanelen leveren op een zonnige dag voldoende energie op om het volledig elektrisch net van het vaartuig te voeden met onder andere de navigatieapparatuur, de elektrische pompen en de airco. Hierdoor is het niet nodig dat de motoren extra energie aanmaken. Ook het brandstofverbruik kent een forse daling in vergelijking met de huidige veerboten. Onder andere de geoptimaliseerde rompvorm draagt hieraan bij. “Ondanks het feit dat dit een klassieke veerboot is, zijn er enorme inspanningen geleverd in het kader van duurzaamheid. Het verbruik van de nieuwe veerboot in vergelijking met de andere veren is zelfs maar een derde. Daarnaast is de mogelijkheid voorzien om in de toekomst snel en eenvoudig over te schakelen naar alternatieve brandstof of elektrische batterijen”, duidt minister Peeters.

Kwaliteitscertificaten voor Vloot en VTS-opleiding van Scheepvaartbegeleiding herbevestigd!

Onlangs kregen Vloot en de VTS-opleiding (Vessel Traffic Services) van de afdeling Scheepvaartbegeleiding een externe audit voor ISO-9001 en ISO-14001. ISO is een internationale norm voor kwaliteitsvol management. Deze audit was bijzonder belangrijk omdat het ging over een volledige hercertificatie van de processen en systemen. Sinds een aantal jaar werken Vloot en afdeling Scheepvaartbegeleiding nauw samen in dit kader. Collega’s Ilse Bailleul (SHEQ-manager/DPA, Vloot), Victor Lambrecht (SHEQ, Vloot) en Stefaan Priem (hoofd VTS-opleidingen, afdeling Scheepvaartbegeleiding) begeleidden het audittraject. Hun rol is om ervoor te zorgen dat het managementsysteem helder toegelicht wordt alsook om de vertaalslag te maken tussen audittaal en de eigen processen en systemen. 

De auditor hield een strak schema aan om alles grondig te controleren en te bevragen in alle lagen van de organisatie, zowel aan boord als aan de wal. Zo kwamen onder andere HR, nautische – en VTS-opleidingen, financiën, logistiek, inkoop, communicatie, gebouwen, vaarwegmarkering, nieuwbouw, crewplanning, operations en de technische dienst aan bod in combinatie met een aantal geplande en onverwachte coronaproof bezoeken ter plaatse. 

Het was een zeer intensief traject,” aldus Ilse Bailleul. Corona zorgde daarnaast voor extra uitdagingen. “Het merendeel van de audits ging online door, maar de collega’s vulden ook vanop afstand hun rol voortreffelijk in. Het voelde precies alsof we weer op de schoolbanken zaten om een examen af te leggen (lacht).” 

Het volledige traject werd afgerond zonder non-conformiteiten. De auditor Luc Haemels (Bureau Veritas) gaf een aantal aandachtspunten mee die belangrijk zijn voor het verdere verbeteringstraject. Vloot bedankt alle collega’s voor hun enthousiaste medewerking. Niet enkel de collega’s betrokken bij deze audit zorgden voor een geslaagd traject, maar alle collega’s die zich elke dag opnieuw inspannen om de procedures en processen te doen slagen. 

De samenwerking tussen Vloot en afdeling Scheepvaartbegeleiding is enorm leerrijk. “Een interessante kruisbestuiving, want Vloot leert bij over de manier waarop afdeling Scheepvaartbegeleiding de VTS-opleiding aanpakt en omgekeerd kunnen wij onze knowhow ook overdragen naar hen,” voegt Ilse Bailleul nog toe. “Kwaliteitsmanagement is geen evidentie maar wel een meerwaarde voor onze VTS-opleidingen. In de samenwerking met Vloot werd ik gestimuleerd om kritisch na te denken en steeds verbetering na te streven. De voldoening om daarna een externe audit succesvol te doorstaan, is dan ook groot,” aldus Stefaan Priem. De komende maanden werkt afdeling Scheepvaartbegeleiding verder aan een autonoom traject voor ISO 9001. Op deze manier zullen zij in de toekomst hun scope uitbreiden. 

Nieuwe maritieme opleidingen

In het schooljaar 2021-2022 zullen er drie nieuwe maritieme opleidingen aangeboden worden.  De toekomstmogelijkheden van de afgestudeerden vergroten. Er is wereldwijd vraag naar maritieme geschoold personeel. De maritieme werkgevers, zoals het agentschap voor Maritieme Dienstverlening en Kust, De Vlaamse Waterweg, Defensie, de baggerbedrijven DEME en Jan de Nul, de Koninklijke Belgische Redersvereniging en het Zeevissersfonds bieden een waaier aan mogelijkheden aan. We zijn er ons wel van bewust dat heel wat bedrijven vooral op zoek zijn naar technische profielen.

Binnenvaarttechnieken – De Scheepvaartschool

Binnenvaartopleiding, nu ook in een technische richting
De Scheepvaartschool in Antwerpen lanceert de opleiding Binnenvaarttechnieken in het technisch onderwijs.  De opleiding wordt opgestart in het derde jaar secundair onderwijs en zal jaarlijks verder uitgerold worden in de andere jaren.  De leerlingen leren alle aspecten van de binnenvaart, zowel in de klas als aan boord van de opleidingsschepen.

Science – Technology – Engineering – Mathematics
De leerlingen leren om een wetenschappelijk, technisch en wiskundig inzicht te gebruiken, zowel in een conceptfase als in de praktijk.  De opleiding bestaat uit een combinatie van theorie en praktijk met aandacht voor traditie, STEM en innovatie.

7de jaar Stuurman Binnenvaart in Duaal Leren
Het Duaal Leren wordt uitgebreid met een 7de jaar.  De richting draait voornamelijk rond praktijk waarbij de leerlingen zich kunnen specialiseren in de technieken en vaardigheden om te varen op de Europese binnenwateren en kanalen.  Specialisatie in de passagiersvaart of estuaire vaart is ook mogelijk.

Master Scheepswerktuigkunde – Hogere Zeevaartschool

Academische master
De Hogere Zeevaartschool in Antwerpen biedt vanaf september Scheepswerktuigkunde aan als een vierjarige academische opleiding (3 jaar voor de Bachelor en 1 jaar voor de Master). Het curriculum voor de maritieme engineers zal op die manier een beter antwoord bieden op de noden binnen de maritieme industrie. Voor de studenten die de opleiding Scheepswerktuigkunde reeds aangevat hebben, zal er een schakeltraject voorzien worden. De eerste Masterdiploma’s zullen in juni 2025 uitgereikt worden.

Machinekamer en technische installaties
Er is nood aan technisch geschoolde profielen, zowel aan wal als op het water. Een scheepswerktuigkundige staat in voor het functioneren van de machinekamer en overziet alle technische installaties aan boord. Je kan aan de slag op allerlei zeeschepen, zowel nationaal als internationaal, maar ook bij bedrijven aan de wal is de vraag naar maritieme engineers erg groot.

Zeevaart – Maritiem Instituut Mercator

Beroepsopleiding in de tweede en derde graad
Het Maritiem Instituut Mercator in Oostende lanceert de beroepsrichting Zeevaart. De leerlingen zullen proeven van de facetten dek en motoren, zowel in de visserij als in de koopvaardij. Er zal vooral gefocust worden op een degelijke praktijkopleiding. Na het succesvol beëindigen van het zesde jaar bekomen de leerlingen na het invullen van een stageboek en het behalen van de vereiste vaartijd een STCW certificaat.

7de specialisatiejaar
In het schooljaar 2023-2024 introduceert het Maritiem Instituut Mercator ook de Se-n-Se opleiding Zeevaart. Na het succesvol afronden van de opleiding, behalen de leerlingen een extra STCW certificaat.


De scheepvaart is een wereld die 24/7 doorgaat.  Om te mogen werken in de maritieme sector dien je in het bezit te zijn van de nodige certificaten.

Voor de zeevaart moet je in het bezit zijn van een STCW certificaat.
STCW staat voor Standards of Training, Certification and Watchkeeping, een internationaal verdrag over de minimale eisen waaraan zeevarenden op professionele en commerciële schepen moeten voldoen qua training, certificatie en wachtlopen.

Voor de binnenvaart heb je een vaarbewijs nodig. De binnenvaartsector groeit jaar na jaar.  Binnenvaart is zelfs de vervoersmodaliteit van de toekomst, een evidente conclusie bij het kijken naar de troeven van de waterweg.  Ook het personenvervoer gebeurt steeds meer over het water, kijk maar naar de succesvolle veerdiensten en DeWaterbus.

We hebben vier zeehavens in Vlaanderen die een belangrijke logistieke rol volbrengen.  De haven van Antwerpen is zelfs de tweede grootste haven in Europa. Al onze partners spelen een belangrijke rol in de nautische keten.

Nieuwe verkeersleiders opgestart

Half april werd het opleidingstraject voor zes stagiairs Vessel Traffic Services (VTS) afgerond. Met het behalen van de vereiste certificaten zijn ze zelfstandig inzetbaar. Vijf van hen gaan aan de slag in de verkeerscentrale van Zeebrugge. De zesde stagiair is opgeleid voor de verkeerscentrale in Zandvliet.

Sinds 1 september 2020 volgen de zes stagiairs de opleiding tot VTS-operator bij de afdeling Scheepvaartbegeleiding van het agentschap voor Maritieme Dienstverlening en Kust (MDK). Dit traject bestaat uit een generieke basisopleiding van drie maanden. Hierin komen theoretisch modules aan bod zoals nautische kennis, regelgeving, communicatietheorie, nautisch Engels en apparatuur maar ook praktijkoefeningen op de VTS-simulator.

Na de basisopleiding start hun regio-specifieke training die hen voorbereidt op het zelfstandig werken op de VTS-centrale van Zeebrugge of Zandvliet. Deze opleiding bestaat uit complexe simulatortrainingen, verkeersmanagement van hun toekomstige regio en praktijkstages op de werkvloer. Alle opleidingen gebeuren conform de vereisten voor VTS-opleidingen die IALA, de internationale organisatie die richtlijnen voor VTS vastlegt, voorschrijft. Hiervoor ontving de VTS- opleiding dan ook de vereiste IALA-accreditatie.

Lees verder onder de foto…

Extra uitdaging door coronamaatregelen

Door de coronamaatregelen kende deze opleidingsperiode extra uitdagingen om alle trainingen op een veilige manier te laten doorgaan. Voor klassikale trainingen gebruikten we ruimtes met een dubbele capaciteit, op de simulator scheidden we de stagiairs zo veel mogelijk van elkaar en op de werkvloer gebruiken we plexi-wanden. Werkbezoeken en vergezelreizen stelden we noodgedwongen uit.

Stefaan Priem (hoofd opleidingen, afd. Scheepvaartbegeleiding): “De eerste lockdown in 2020 viel samen met de laatste fase van de vorige opleidingsgroep. We hadden dus al wat ervaring opgedaan met deze omstandigheden. Toch hebben we ons opnieuw moeten aanpassen in de tweede lockdown van het najaar. We wilden onze VTS-locaties zo veel als mogelijk beschermen tegen een mogelijke uitbraak. Onze maatregelen, in combinatie met de uitstekende mentaliteit en motivatie van de stagiairs en onze instructeurs hebben van deze opleidingsperiode alsnog een succes gemaakt.”

De nieuwe verkeersleiders aan het woord

Ruben Vyncke ging al van start in VTS Zeebrugge, hij blikt met goede herinneringen terug op zijn stage: “Eén september vatte ik de opleiding aan. Het was absoluut niet vanzelfsprekend om opnieuw grote hoeveelheden leerstof in te studeren. Gelukkig kon en kan ik rekenen op goede begeleiders – zowel voor de theorie, als on-the-job,” zegt hij. “Ook de aangename groep kandidaat-scheepvaartbegeleiders waar ik deel van uitmaak, zorgde ervoor dat ik me goed omringd voel. Elke dag en nacht in ‘de torre’ is boeiend en ik heb geen seconde spijt van mijn keuze.”

Laura Spijkers, nieuwe kracht in VTS Zeebrugge, staat te popelen. “Bijna aan het einde van zeven maanden opleiding en bijna zelfstandig aan de slag op de werkvloer ik Zeebrugge. Tijdens de opleiding zijn we door de enthousiaste instructeurs klaargestoomd en hebben ze ons de benodigde kennis bijgebracht. Jammer genoeg konden we door corona geen werkbezoeken doen en op andere werkplekken kijken. Ondanks dat vond ik het een hele leuke en interessante opleiding en heb ik heel veel zin om aan het werk te gaan!”

Eric Van Aerde die is de enige nieuwe verkeersleider die post zal vatten in (VTS Zandvliet). “Ik kende de maritieme omgeving vanuit mijn vorige job maar op latere leeftijd was ik klaar voor een nieuwe uitdaging, een nieuwe kijk binnen de maritieme wereld. Met een frisse blik en veel goesting ben ik zeven maanden geleden aan de opleiding begonnen, samen met een groep jonge enthousiastelingen,” vertelt Eric enthousiast. “Je voelt aan alles dat er enorm hard gewerkt wordt om het niveau, de doelstellingen en dus de dienstverlening binnen de afdeling Scheepvaartbegeleiding naar een zo hoog mogelijk en kwalitatief niveau te tillen. Ik kijk er erg naar uit om binnenkort van start te kunnen gaan op VTS Zandvliet en deel te mogen uitmaken van deze schakel binnen het maritiem gebeuren.”

Reseda Rys zal starten in VTS Zeebrugge, ze is heeft het opleidingstraject zeer prettig ervaren. “Het waren zeven intense, maar ook verruimende maanden, want voor mij, ook al woon ik aan de kust, was alles nieuw. Een stap in het onbekende want ik had eigenlijk nooit stil gestaan wat deze functie precies inhield. Collega’s gaven mij met zoveel warmte en enthousiasme uitleg over de job waardoor ik de stap heb gezet en het mij nog geen moment heb beklaagd”, legt ze uit. “Opleiding per opleiding kom je dichter bij de werkelijke job als verkeersleider, met een goede bagage vol informatie. Elke on-the-job-training was anders, telkens nieuwe situaties wat het elke dag opnieuw aantrekkelijk maakt om op te starten,” vervolgt Reseda.

Ook Glenn Meesschaert (VTS Zeebrugge) heeft zin om erin te vliegen. “De opeenvolging van de verschillende opleidingen voelde alsof ik terug op school zat, al kon het me deze keer wel boeien,” lacht hij. “De sfeer zat ook direct goed tussen de stagiairs en de instructeurs. De collega’s van de verkeerscentrale zijn enorm hulpvaardig, wat echt aangenaam is.”

We wensen alle nieuwkomers een vlotte start op de werkvloer, en zijn als organisatie verheugd dat de nautische keten hierdoor extra versterkt wordt!

Vervanging koepels radartorens succesvol van start

De koepels van verschillende radartorens en verkeerscentrales binnen de Schelderadarketen zijn toe aan vervanging. We vervangen niet alleen de aandrijving en infrastructuur, ook het onderhoud kan efficiënter en vooral veiliger. De radartoren bij Hoofdplaat namen we als eerste onder handen, met succes.     

Een aantal van de radartorens en verkeerscentrales die deel uitmaken van de Schelderadarketen hebben intussen heel wat jaren op de teller staan. Bij de bouw ervan, in sommige gevallen zo’n 30 à 40 jaar geleden, werden verschillende materialen en conserveringsmiddelen gebruikt die nu als gevaarlijk bestempeld worden. Chroom 6 is zo’n materiaal. Het werd gebruikt als conserveringslaag onder de rode verf van de koepels van zeven radartorens en twee verkeerscentrales van de Schelderadarketen. Door het veiligheidsrisico en de verouderde infrastructuur worden de koepels de komende jaren vervangen. De aftrap werd gegeven door de radartoren bij Hoofdplaat.

de vernieuwde en oude radarkoepel


Gevaar tijdens onderhoud  

“Zolang chroom 6 afgedekt is door de toplaag, in het geval van de radartoren bij Hoofdplaat de rode verf, is er geen gevaar voor de gezondheid. Maar die toplaag moet soms opnieuw aangebracht of bijgewerkt worden. Daarvoor moet ze deels verwijderd worden. Bij dat schuren of verstuiven kan de uitvoerder van de werken blootgesteld worden aan chroom 6, en dat is gevaarlijk. Het is een beetje zoals bij asbest dus: dat wordt ook pas schadelijk wanneer het vrijkomt. Net zoals bij asbest, moeten deze werken gebeuren door gespecialiseerde firma’s. Dat kost bovendien handenvol geld,” zegt René Huijbregts, Technisch Beheerder Contractmanager van het Beheer & Exploitatieteam Schelderadarketen

Zowel de Vlaamse als de Nederlandse overheid voert een saneringsbeleid. Waar mogelijk, moet de bron van de vervuiling aangepakt worden. Pas wanneer dat echt niet lukt, wordt een beheerplan opgesteld om met het risico om te gaan. Voor dit soort koepels waarin chroom 6 verwerkt zit, bestaat de oplossing in het vervangen van de koepel. Huijbregts: “We saneren de radartoren door de onderdelen waarin chroom 6 aanwezig is af te voeren en die te laten verwerken door een daarvoor gecertifieerd bedrijf.” 


Hachelijke onderneming  

Huijbregts: “Koepels zoals die van de radartoren bij Hoofdplaat stellen een bijkomend gevaar voor de mensen die het onderhoud moeten doen. Het onderhoud gebeurt via twee laddertjes die langs de buitenkant over de koepel heen lopen. Die trapjes vertrekken vanop een bordes met beperkte oppervlakte om te manoeuvreren. Onderhoud aan de radartoren uitvoeren is bij normale weersomstandigheden dus al een hachelijke onderneming, laat staan bij zwaardere weersomstandigheden. Om dit allemaal veiliger te laten verlopen, nemen we de koepel weg en vervangen die door een nieuw bordes met reling. Ook het lager gelegen bestaande bordes wordt vervangen. We nemen de bestaande reling weg en plaatsen er een nieuw en groter bordes over.” 

“Ten slotte draaide de radartoren waar het hier over gaat nog op een verouderde motor. Die verbruikte niet alleen veel energie en maakte veel lawaai, maar vergde ook aardig wat onderhoud. We vervingen de oude motor door een stille onderhoudsarme zuinige aandrijving, waar je vanaf het bovenste bordes makkelijk bij kunt komen voor onderhoud.”

de oude en vernieuwde radartoren Hoofdplaat

Niet enkel functioneel, maar ook mooi resultaat 

Het resultaat? De radartoren bij Hoofdplaat is voortaan vrij van chroom 6, energiezuiniger, handig en veilig te onderhouden en produceert minder geluid. Huijbregts: “We kozen heel bewust voor dit ontwerp. De rode koepel is voor veel mensen iets kenmerkend voor een radartoren. Dat element wilden we dus niet volledig laten verdwijnen. De architect maakte een industrieel ontwerp, waarbij de rode kleur van de koepel nog steeds een prominent plek in de balustraden van de bordessen.” 

“De radartoren bij Hoofdplaat was een pilot, en een succesvolle. We evalueren nu wat goed gelopen is en waar misschien nog ruimte voor verbetering zit. Die leerpunten nemen we mee om de overige radartorens en verkeerscentrales onder handen te nemen. We willen de vervangingsoperatie in de toekomst nog efficiënter laten verlopen, zodat de radartoren zo kort mogelijk buiten bedrijf is. Dat proberen we te doen bij de volgende toren aan zet, die van Baarland,” besluit Huijbregts. 
​ 

vernieuwde radartoren, met kenmerkend rood element

Een bijkomende uitdaging bij de uitvoering van dit pilootproject was de coronapandemie. Daardoor konden er maar een beperkt aantal mensen tegelijk aan het werk zijn, en moest de aanwezigheid van de verschillende betrokkenen goed op elkaar afgestemd worden. Er werkten immers verschillende partijen samen: het bouwkundig bedrijf dat instond voor het ontwerp en de berekening, het staalbedrijf dat de uitvoering deed, een aannemer voor het elektrotechnische gedeelte. Deze pilot toont aan dat deze verschillende partijen goed samen kunnen werken om tot een mooi resultaat te komen.  

Goed voorbereid het water op

Het is paasvakantie, traditioneel een periode waarbij recreatie op en langs het water op kruissnelheid komt. Meer volk aan de kust en op het water, dat betekent dat er meer noodoproepen binnenkomen. Het gevaar kan in een klein hoekje schuilen en niet iedereen is daarop voorbereid. 

“Natuurlijk wensen we iedereen een aangenaam verblijf aan of op het water toe,” zegt Dries Boodts van het Maritiem Reddings- en Coördinatiecentrum (MRCC), een onderdeel van het agentschap Maritieme Dienstverlening en Kust (MDK) in Oostende. “Maar soms gaat het toch fout op zee, en dan treden wij in actie. Het MRCC is hét eerste meldpunt voor alle ongevallen op zee, dat kan gaan van bijvoorbeeld een aanvaring tussen twee zeeschepen, tot een zeiler in nood en nog veel meer.”

Volgens eerdere statistieken zien we dat een groot deel van de oproepen die bij het MRCC binnenkomen, incidenten met pleziervaartuigen betreft. Technische problemen zoals pannes van motoren of batterijproblemen kunnen bij de start van het vaarseizoen zeker opduiken. Het MRCC en partners zijn – zoals steeds – klaar voor alle oproepen bij incidenten. Vorig jaar kende het aantal noodoproepen een daling. Tegenover de 376 noodoproepen in 2019, kwamen er 283 binnen in 2020. Een deels verklarende factor kan het tijdelijke verbod door corona op pleziervaart zijn. Het vaarseizoen kwam toen iets later op gang, pas vanaf juni, en de bijhorende oproepen kwamen later binnen dan de voorbije jaren.

Extra uitdagingen 

Naast de tussenkomsten bij pleziervaartuigen met bijvoorbeeld motorpech of batterijproblemen, komen op dagen met mooi en warm weer ook meer oproepen binnen voor medische evacuaties en traditioneel gezien ook oproepen van verloren gelopen kinderen binnen. “Bij incidenten dichtbij de kust wordt de ‘Afsprakenregeling Reddingen aan de kust’ geactiveerd. Dit is een procedure waarbij alle hulpdiensten, zowel aan land als op zee, samenwerken voor het zoeken en redden van personen in nood of vermiste personen nabij de waterlijn. Dit bracht het voorbije jaar en zal het komende seizoen extra uitdagingen met zich meebrengen. Bij een mogelijke redding moeten we extra aandachtig zijn voor de coronamaatregelen,” zegt Boodts.

Goede voorbereiding 

Een goede voorbereiding is de helft van het werk. Vooraleer veilig het water op te gaan, is het belangrijk om een volledige check-up te doen van het materiaal. “Natuurlijk moeten waterrecreanten, zowel pleziervaarders als watersporters voor ze hun activiteit aanvatten, nagaan of hun materiaal up-to-date is. Een volledige check van vergunning, keuring veiligheidsvesten, goed werkende apparatuur tot opgeladen batterijen is hierbij aan de orde. Daarvoor rekenen we op een goede voorbereiding en verantwoordelijkheid van de watersporters,” aldus Eric Hiele, Taakgroepchef Inspectie Pleziervaart FOD Mobiliteit en Vervoer.

Sterke samenwerking

Als het toch misgaat op zee kan het MRCC rekenen op de sterke samenwerking tussen alle betrokken hulpdiensten die naargelang de aard en de locatie van het incident opgeroepen worden. Een van deze partners zijn de zeereddingsdiensten die bij elk incident meehelpen bij de zoek-en reddingsactie. Afhankelijk van het gebied gaat de professionele reddingsdienst van het agentschap voor Maritieme Dienstverlening en Kust (Vloot) ter plaatse of zijn het de collega’s van Ship Support (Nieuwpoort) of de Vrijwillige Blankenbergse Zeereddingsdienst (Blankenberge) die uitrukken. Ook de helikopter NH90 van Defensie helpt geregeld mee zoeken tijdens reddingsacties. Het MRCC bezorgt hen de coördinaten, alle eerste beschikbare informatie en berekent het zoekgebied en het meest geschikte zoekpatroon. Tijdens de reddingsoperatie is er continue coördinatie en communicatie tussen beiden om de situatie vanaf het begin tot het einde van de zoekactie goed te begeleiden en monitoren.