Gentse Meulestedebrug is opnieuw open voor alle verkeer

Vandaag is de Meulestedebrug, een cruciale verkeersader in de Gentse havenregio, opnieuw in gebruik genomen. De Meulestedebrug liep op 24 oktober 2020 ernstige schade op door een aanvaring van een binnenschip. De brug werd onmiddellijk afgesloten met heel wat verkeershinder als gevolg. In nauw overleg tussen De Vlaamse Waterweg, stad Gent, North Sea Port, Voka en het agentschap voor Maritieme Dienstverlening en Kust (MDK) werden verschillende maatregelen getroffen om de hinder zo beperkt mogelijk te houden, waaronder de inzet van het extra veer. Vandaag eindigen de ‘minder hinder’-maatregelen en gaan we stilaan terug over naar de reguliere dienstverlening.

Meer dan 547 000 gebruikers geholpen

De Vlaamse Waterweg liet de tijdelijke vaste fiets- en voetgangersbrug, die nog gebruikt werd tijdens de vorige herstellingswerken, opnieuw installeren vlak naast de Meulestedebrug. Zo konden fietsers en voetgangers oversteken via de tijdelijke brug zonder een omleiding te volgen. Daarnaast voorzag Vloot een extra veer in Langerbrugge om het kanaal Gent-Terneuzen over te steken. Het extra veer voer op weekdagen tussen 7 en 19 uur om de wachttijden tijdens het drukste moment van de dag te beperken.

In totaal namen meer dan 547.000 gebruikers het veer tijdens deze periode. Dit is een stijging van 43% in vergelijking met een normale, coronavrije periode.

North Sea Port en Vloot leidden extra personeelsleden op om deze tijdelijke capaciteitsverhoging mogelijk te maken. Door de inzet van een tweede veerboot kon een vlotte dienstverlening gegarandeerd worden. Bedankt aan alle collega’s voor de extra inzet de voorbije periode!

Lees het volledige persbericht van De Vlaamse Waterweg hier.

foto: pre-corona

Nieuwe verkeersleiders opgestart

Half april werd het opleidingstraject voor zes stagiairs Vessel Traffic Services (VTS) afgerond. Met het behalen van de vereiste certificaten zijn ze zelfstandig inzetbaar. Vijf van hen gaan aan de slag in de verkeerscentrale van Zeebrugge. De zesde stagiair is opgeleid voor de verkeerscentrale in Zandvliet.

Sinds 1 september 2020 volgen de zes stagiairs de opleiding tot VTS-operator bij de afdeling Scheepvaartbegeleiding van het agentschap voor Maritieme Dienstverlening en Kust (MDK). Dit traject bestaat uit een generieke basisopleiding van drie maanden. Hierin komen theoretisch modules aan bod zoals nautische kennis, regelgeving, communicatietheorie, nautisch Engels en apparatuur maar ook praktijkoefeningen op de VTS-simulator.

Na de basisopleiding start hun regio-specifieke training die hen voorbereidt op het zelfstandig werken op de VTS-centrale van Zeebrugge of Zandvliet. Deze opleiding bestaat uit complexe simulatortrainingen, verkeersmanagement van hun toekomstige regio en praktijkstages op de werkvloer. Alle opleidingen gebeuren conform de vereisten voor VTS-opleidingen die IALA, de internationale organisatie die richtlijnen voor VTS vastlegt, voorschrijft. Hiervoor ontving de VTS- opleiding dan ook de vereiste IALA-accreditatie.

Lees verder onder de foto…

Extra uitdaging door coronamaatregelen

Door de coronamaatregelen kende deze opleidingsperiode extra uitdagingen om alle trainingen op een veilige manier te laten doorgaan. Voor klassikale trainingen gebruikten we ruimtes met een dubbele capaciteit, op de simulator scheidden we de stagiairs zo veel mogelijk van elkaar en op de werkvloer gebruiken we plexi-wanden. Werkbezoeken en vergezelreizen stelden we noodgedwongen uit.

Stefaan Priem (hoofd opleidingen, afd. Scheepvaartbegeleiding): “De eerste lockdown in 2020 viel samen met de laatste fase van de vorige opleidingsgroep. We hadden dus al wat ervaring opgedaan met deze omstandigheden. Toch hebben we ons opnieuw moeten aanpassen in de tweede lockdown van het najaar. We wilden onze VTS-locaties zo veel als mogelijk beschermen tegen een mogelijke uitbraak. Onze maatregelen, in combinatie met de uitstekende mentaliteit en motivatie van de stagiairs en onze instructeurs hebben van deze opleidingsperiode alsnog een succes gemaakt.”

De nieuwe verkeersleiders aan het woord

Ruben Vyncke ging al van start in VTS Zeebrugge, hij blikt met goede herinneringen terug op zijn stage: “Eén september vatte ik de opleiding aan. Het was absoluut niet vanzelfsprekend om opnieuw grote hoeveelheden leerstof in te studeren. Gelukkig kon en kan ik rekenen op goede begeleiders – zowel voor de theorie, als on-the-job,” zegt hij. “Ook de aangename groep kandidaat-scheepvaartbegeleiders waar ik deel van uitmaak, zorgde ervoor dat ik me goed omringd voel. Elke dag en nacht in ‘de torre’ is boeiend en ik heb geen seconde spijt van mijn keuze.”

Laura Spijkers, nieuwe kracht in VTS Zeebrugge, staat te popelen. “Bijna aan het einde van zeven maanden opleiding en bijna zelfstandig aan de slag op de werkvloer ik Zeebrugge. Tijdens de opleiding zijn we door de enthousiaste instructeurs klaargestoomd en hebben ze ons de benodigde kennis bijgebracht. Jammer genoeg konden we door corona geen werkbezoeken doen en op andere werkplekken kijken. Ondanks dat vond ik het een hele leuke en interessante opleiding en heb ik heel veel zin om aan het werk te gaan!”

Eric Van Aerde die is de enige nieuwe verkeersleider die post zal vatten in (VTS Zandvliet). “Ik kende de maritieme omgeving vanuit mijn vorige job maar op latere leeftijd was ik klaar voor een nieuwe uitdaging, een nieuwe kijk binnen de maritieme wereld. Met een frisse blik en veel goesting ben ik zeven maanden geleden aan de opleiding begonnen, samen met een groep jonge enthousiastelingen,” vertelt Eric enthousiast. “Je voelt aan alles dat er enorm hard gewerkt wordt om het niveau, de doelstellingen en dus de dienstverlening binnen de afdeling Scheepvaartbegeleiding naar een zo hoog mogelijk en kwalitatief niveau te tillen. Ik kijk er erg naar uit om binnenkort van start te kunnen gaan op VTS Zandvliet en deel te mogen uitmaken van deze schakel binnen het maritiem gebeuren.”

Reseda Rys zal starten in VTS Zeebrugge, ze is heeft het opleidingstraject zeer prettig ervaren. “Het waren zeven intense, maar ook verruimende maanden, want voor mij, ook al woon ik aan de kust, was alles nieuw. Een stap in het onbekende want ik had eigenlijk nooit stil gestaan wat deze functie precies inhield. Collega’s gaven mij met zoveel warmte en enthousiasme uitleg over de job waardoor ik de stap heb gezet en het mij nog geen moment heb beklaagd”, legt ze uit. “Opleiding per opleiding kom je dichter bij de werkelijke job als verkeersleider, met een goede bagage vol informatie. Elke on-the-job-training was anders, telkens nieuwe situaties wat het elke dag opnieuw aantrekkelijk maakt om op te starten,” vervolgt Reseda.

Ook Glenn Meesschaert (VTS Zeebrugge) heeft zin om erin te vliegen. “De opeenvolging van de verschillende opleidingen voelde alsof ik terug op school zat, al kon het me deze keer wel boeien,” lacht hij. “De sfeer zat ook direct goed tussen de stagiairs en de instructeurs. De collega’s van de verkeerscentrale zijn enorm hulpvaardig, wat echt aangenaam is.”

We wensen alle nieuwkomers een vlotte start op de werkvloer, en zijn als organisatie verheugd dat de nautische keten hierdoor extra versterkt wordt!

Goed voorbereid het water op

Het is paasvakantie, traditioneel een periode waarbij recreatie op en langs het water op kruissnelheid komt. Meer volk aan de kust en op het water, dat betekent dat er meer noodoproepen binnenkomen. Het gevaar kan in een klein hoekje schuilen en niet iedereen is daarop voorbereid. 

“Natuurlijk wensen we iedereen een aangenaam verblijf aan of op het water toe,” zegt Dries Boodts van het Maritiem Reddings- en Coördinatiecentrum (MRCC), een onderdeel van het agentschap Maritieme Dienstverlening en Kust (MDK) in Oostende. “Maar soms gaat het toch fout op zee, en dan treden wij in actie. Het MRCC is hét eerste meldpunt voor alle ongevallen op zee, dat kan gaan van bijvoorbeeld een aanvaring tussen twee zeeschepen, tot een zeiler in nood en nog veel meer.”

Volgens eerdere statistieken zien we dat een groot deel van de oproepen die bij het MRCC binnenkomen, incidenten met pleziervaartuigen betreft. Technische problemen zoals pannes van motoren of batterijproblemen kunnen bij de start van het vaarseizoen zeker opduiken. Het MRCC en partners zijn – zoals steeds – klaar voor alle oproepen bij incidenten. Vorig jaar kende het aantal noodoproepen een daling. Tegenover de 376 noodoproepen in 2019, kwamen er 283 binnen in 2020. Een deels verklarende factor kan het tijdelijke verbod door corona op pleziervaart zijn. Het vaarseizoen kwam toen iets later op gang, pas vanaf juni, en de bijhorende oproepen kwamen later binnen dan de voorbije jaren.

Extra uitdagingen 

Naast de tussenkomsten bij pleziervaartuigen met bijvoorbeeld motorpech of batterijproblemen, komen op dagen met mooi en warm weer ook meer oproepen binnen voor medische evacuaties en traditioneel gezien ook oproepen van verloren gelopen kinderen binnen. “Bij incidenten dichtbij de kust wordt de ‘Afsprakenregeling Reddingen aan de kust’ geactiveerd. Dit is een procedure waarbij alle hulpdiensten, zowel aan land als op zee, samenwerken voor het zoeken en redden van personen in nood of vermiste personen nabij de waterlijn. Dit bracht het voorbije jaar en zal het komende seizoen extra uitdagingen met zich meebrengen. Bij een mogelijke redding moeten we extra aandachtig zijn voor de coronamaatregelen,” zegt Boodts.

Goede voorbereiding 

Een goede voorbereiding is de helft van het werk. Vooraleer veilig het water op te gaan, is het belangrijk om een volledige check-up te doen van het materiaal. “Natuurlijk moeten waterrecreanten, zowel pleziervaarders als watersporters voor ze hun activiteit aanvatten, nagaan of hun materiaal up-to-date is. Een volledige check van vergunning, keuring veiligheidsvesten, goed werkende apparatuur tot opgeladen batterijen is hierbij aan de orde. Daarvoor rekenen we op een goede voorbereiding en verantwoordelijkheid van de watersporters,” aldus Eric Hiele, Taakgroepchef Inspectie Pleziervaart FOD Mobiliteit en Vervoer.

Sterke samenwerking

Als het toch misgaat op zee kan het MRCC rekenen op de sterke samenwerking tussen alle betrokken hulpdiensten die naargelang de aard en de locatie van het incident opgeroepen worden. Een van deze partners zijn de zeereddingsdiensten die bij elk incident meehelpen bij de zoek-en reddingsactie. Afhankelijk van het gebied gaat de professionele reddingsdienst van het agentschap voor Maritieme Dienstverlening en Kust (Vloot) ter plaatse of zijn het de collega’s van Ship Support (Nieuwpoort) of de Vrijwillige Blankenbergse Zeereddingsdienst (Blankenberge) die uitrukken. Ook de helikopter NH90 van Defensie helpt geregeld mee zoeken tijdens reddingsacties. Het MRCC bezorgt hen de coördinaten, alle eerste beschikbare informatie en berekent het zoekgebied en het meest geschikte zoekpatroon. Tijdens de reddingsoperatie is er continue coördinatie en communicatie tussen beiden om de situatie vanaf het begin tot het einde van de zoekactie goed te begeleiden en monitoren.

Diepterecord verbroken in Deurganckdok

De eerste proefvaart in het kader van een mogelijke uitbreiding van de maximale diepgang van de Westerschelde is met succes uitgevoerd. Op zondag 28 februari 2021 is de MSC Regulus de haven van Antwerpen binnengekomen met een diepgang van 15,7 meter, een nieuw record. Het is de eerste in een reeks proefvaarten waar de diepgang zal worden opgevoerd tot 16 meter. Deze diepgang is nodig om in de toekomst de allergrootste containerschepen te kunnen blijven ontvangen. Het proefproject is een samenwerking tussen Port of Antwerp, het Vlaams en Nederlands Loodswezen, de Vessel Traffic Services, de Gemeenschappelijke Nautische Autoriteit en rederij MSC.

MSC Regulus vaart Port of Antwerp binnen.


De huidige maximumdiepgang van de Westerschelde voor containerschepen die naar Antwerpen opvaren, bedraagt 15,5 meter. Om in de toekomst de allergrootste zeeschepen toe te laten om Antwerpen als eerste aanloophaven te kiezen, is een diepgang bij opvaart van 16 meter nodig. Daarom werd besloten om een reeks proefvaarten uit te voeren waarbij de maximale diepgang gradueel wordt opgevoerd naar 16 meter. Door deze verhoging wordt de laadcapaciteit van de schepen aanzienlijk groter. Vijf decimeter extra kan circa 1000 TEU winst opleveren.

De opvaart voor diepliggende schepen wordt bepaald door het getij. Tijdens de hogere waterstand spreekt men van een ‘tijvenster’ waarbij een dieper schip kan op- of afvaren. Om vlot en veilig scheepvaartverkeer te garanderen, voerde het agentschap MDK eerst een zorgvuldig theoretisch onderzoek. Zowel de berekening van de tijvensters als de simulaties hebben aangetoond dat scheepvaart met een diepgang van 16 meter mogelijk is op de Westerschelde.

De graduele verhoging van de diepgang wordt door zowel Vlaamse als Nederlandse loodsen getest. Na elke diepgangtest volgt een evaluatie en worden de ervaringen uitgewisseld waarbij ook de GNA betrokken is. Na zes proefvaarten volgt een eindevaluatie en wordt een finale beslissing genomen over de opvaart van schepen met een diepgang van 16 meter.

“De graduele verhoging van scheepvaart tot een maximum diepgang van 16 meter betekent een aanzienlijke optimalisatie van de laadcapaciteit. Jarenlange ervaring, nautisch expertise en een sterke samenwerking over de landsgrenzen heen maken deze testvaarten mogelijk en verhogen de economische welvaart in Vlaanderen. De nautische keten wordt steeds robuuster en zoekt – met succes – de grenzen op van wat veilig haalbaar is,” aldus Nathalie Balcaen, administrateur-generaal van het agentschap MDK én Permanent Commissaris van Toezicht op de Scheldevaart.

Lees het volledige persbericht.

Raadgevend comité MDK komt voor de eerste keer samen

Het agentschap voor Maritieme Dienstverlening en Kust (MDK) kan sinds vandaag beroep doen op een onafhankelijk adviesorgaan: het raadgevend comité. Dit overlegcomité zal een klankbord vormen voor het agentschap. Hierdoor kan MDK nog nauwer samenwerken met de stakeholders en op structurele basis advies van de partners verkrijgen.

Adviesorgaan

“Via de oprichting van dit overlegcomité kunnen bepaalde topics structureel besproken worden, in plaats van op een ‘ad hoc-basis’, dit biedt mogelijkheden. Het is positief dat het agentschap MDK op deze manier een klankbord krijgt om zo de optimalisatie van de dienstverlening te blijven garanderen,” zegt minister Lydia Peeters.
Het raadgevend comité kan op vraag van het agentschap niet enkel adviezen verlenen, maar ook zelf voorstellen formuleren aan het hoofd van het agentschap MDK, dit vanuit hun eigen expertise.

Samenstelling raadgevend comité

Het raadgevend comité van het agentschap MDK bestaat uit dertien leden. Deze werden benoemd door de bevoegde Vlaamse minister voor een periode van vier jaar. Wie erin zetelt, werd vastgelegd door een beslissing van de Vlaamse Regering. Het raadgevend comité bestaat uit volgende leden: Jacques Vandermeiren (Port of Antwerp), Tessy Vanhoenacker (GHA), Astrid Vliebergh (North Sea Port), Dirk Declerck (Port Ostend), Ghanima Van de Venne (Port of Zeebrugge), Katrien Moens (VegHO), Stefaan Hoppe (APZI), Annemie Vermeylen (OHV), Stephan Vanfraechem (Alfaport), Eddy Wouters (NAVES), Jan Blomme (Havencommissaris), Désirée Oen (EC) en voorzitter Isabelle Ryckbost (ESPO).

“Het is tweerichtingsverkeer, als raadgevend comité kunnen we niet alleen advies verlenen, we kunnen ook een initiator zijn en actief voorstellen doen. Er zit heel wat expertise vervat onder de leden, het raadgevend comité zal als een belangrijke partner fungeren voor het agentschap,” aldus de voorzitter van het raadgevend comité, Isabelle Ryckbost.    

Elektrisch veer als duurzaam baken op de Schelde

Het agentschap voor Maritieme Dienstverlening en Kust (MDK) start met de uitvoering van het project om een tweede elektrische veerboot toe te voegen aan de Vlaamse vloot. Deze keer krijgt de nieuwe veerboot ‘Antwerpen’ als thuishaven. “Een sterk staaltje technologie en opnieuw enkele stappen richting een groenere toekomst voor personenmobiliteit in Vlaanderen,” aldus Vlaams minister voor Mobiliteit en Openbare Werken Lydia Peeters.

Dat personenmobiliteit via het water aan belang wint, is al langer duidelijk. We staan met z’n allen veel te vaak in de file, terwijl er mooie alternatieven zijn om de bestemming te bereiken. MDK zet jaarlijks heel wat passagiers over, waarvan een groot deel puur woon-werkverkeer is. “Zeker als we naar de regio rond Antwerpen kijken, zien we dat veel mensen kiezen voor het veer in het kader van hun woon-werk- of woon-schoolverplaatsing,” duidt Nathalie Balcaen, administrateur-generaal van MDK. “Duurzame mobiliteit is dan ook de toekomst waar we met ons agentschap ten volle in willen investeren.

Veerdiensten zijn belangrijke schakels in onze mobiliteit. Door gericht te investeren, verhogen we niet alleen de kwaliteit van de dienstverlening voor de gebruikers, maar dragen we ook bij aan een kwalitatieve omgeving,” duidt minister Lydia Peeters. “Met een investering van 5,4 miljoen euro in een elektrisch veer, zetten we weer enkele stappen om een groenere toekomst te realiseren.

Vloot, afdeling van het agentschap MDK, volgt de scheepsbouwprojecten op. Het elektrisch veer zal 150 passagiers kunnen overzetten en daarnaast ruimte bieden voor 75 fietsen. Voor Vloot zal dit het tweede elektrische exemplaar zijn, maar de eerste op de Schelde. De veerboot zal uitgerust zijn met de modernste technologie. Zo is LED-verlichting de norm, zullen zonnepanelen voorzien zijn en werken de elektrische motoren als prime-movers voor het schip. “Wanneer we de veerboot exact zullen zien varen op de Schelde, is nog te vroeg om te zeggen. We verwachten dit schip ergens in het najaar van 2022,” vult Nathalie Balcaen aan.

Het elektrisch veer voor de Schelde is één van de twee nieuwe veerboten voor deze regio aangekondigd door MDK en het tweede elektrisch vaartuig dat zal ingezet worden voor personenmobiliteit in Vlaanderen.  

Start suppletiewerken in Bredene 

Op het strand van Bredene voert DC Industrial (DCI) binnenkort alle materiaal aan voor een onderhoudssuppletie. In opdracht van het agentschap voor Maritieme Dienstverlening en Kust (MDK) zal vanaf 15 februari zo’n 350.000m³ zand aangevoerd worden. Dit is nodig om de kustlijn tussen Bredene en de Vosseslag te beschermen tegen het geweld van de zee.

350 000 m³ zand als onderhoudssuppletie 

Begin volgende week starten de voorbereidende werken voor de zandopspuitingen. De aanvoer van de persleidingen en ander materiaal zal voornamelijk via Oosteroever in Oostende verlopen.  Vanaf 15 februari tot aan de paasvakantie zal  aannemer DCI in opdracht van MDK extra zand  aanbrengen op het strand, iets minder dan 350.000m³ om precies te zijn.  Het gaat om een onderhoudssuppletie, zodat het veiligheidsniveau om ons te beschermen tegen zeer zware stormvloed in deze zone en de robuustheid van de duinengordel behouden blijft. De suppletie start ter hoogte van strandpost 6 (Bredene Hippodroom) richting strandpost 3.  

De aanvoer van het zand gebeurt met twee sleephopperzuigers. Deze kunnen enkel aankoppelen aan de zinkerleiding op het strand rond hoog water. Om gebruik te maken van beide hoogwaters op een dag, wordt er dag en nacht gewerkt. De planning van de werken is daarnaast ook afhankelijk van de weersomstandigheden. Tegen de start van de paasvakantie zouden de werken klaar moeten zijn.  

‘Zacht waar het kan, hard waar het moet’ 

Om onze kust te beschermen tegen overstromingen voert MDK sinds 2011 de maatregelen uit het Masterplan Kustveiligheid uit. Bij de uitvoering gaat MDK uit van het principe ‘zacht waar het kan, hard waar het moet’. Dat wil zeggen dat we waar het aangewezen is, een hoger en breder strand creëren door extra zand aan te voeren op het strand. Het technische team en de ingenieurs brengen de meest kwetsbare zones in kaart door het strandpeil op frequente tijdstippen te meten.  

Zandopspuitingen blijven nog steeds de meest effectieve maatregel om ons te beschermen tegen overstromingen vanuit zee, ook al vragen ze regelmatig onderhoud. Een breed en hoog strand zorgt ervoor dat de golven gebroken worden en dat ze hun energie verliezen vóór ze schade kunnen toebrengen aan de zeedijk en de bebouwing. Bovendien creëren we met suppleties een natuurlijke omgeving waar naast de mens ook planten en dieren hun plaats kunnen hebben. 

DeWaterbus, sinds 1 januari onder onze vleugels

Sinds begin januari vaart DeWaterbus met het nieuwe logo de Schelde op- en af. Op 1 januari 2021 droeg Havenschepen Annick De Ridder de geliefde veerdienst van Port of Antwerp contractueel over aan de goede zorgen van het Vlaams agentschap voor Maritieme Dienstverlening en Kust (MDK).
Vorig jaar besliste de Vlaamse Regering al dat alle personenmobiliteit over water in Vlaanderen onder de bevoegdheid van het agentschap MDK zou vallen. Eind november kondigde de Vlaams minister bevoegd voor mobiliteit Lydia Peeters de overdracht aan. “Een nieuw jasje, maar verder blijft alles hetzelfde voor de gebruiker,” benadrukken de verschillende partijen.

Basisbereikbaarheid

Port of Antwerp droeg op 1 januari 2021 officieel DeWaterbus over aan MDK. Met deze overdracht werd uitvoering gegeven aan het besluit van de Vlaamse Regering dat alle persoonsgebonden watermobiliteit in Vlaanderen onderbrengt bij MDK. Havenschepen Annick De Ridder legt uit: “DeWaterbus heeft als initiatief van Port of Antwerp echt haar plaats gevonden in het woon-werkverkeer. De 1.417.269 passagiers zijn een bewijs van het succesverhaal dat we samen met uitbater Aqualiner hebben geschreven. We zijn dan ook blij dat het agentschap voor Maritieme Dienstverlening en Kust de toekomst van DeWaterbus voor de vele gebruikers verzekert.”

Drukke verbinding

Met het vooruitzicht van de nieuwe werken aan de Oosterweelverbinding in april 2021, is een vlotte verplaatsing over het water van uitermate groot belang, beklemtoont Vlaams minister van Mobiliteit en Openbare Werken Lydia Peeters: “We zijn erg blij dat we DeWaterbus onder onze vleugels kunnen brengen. Het agentschap MDK heeft alle nautische expertise in huis als maritiem agentschap en zal deze drukke verbinding over water garanderen, die voor tal van mensen dagelijks een cruciale schakel in hun woon-werkverkeer vormt. Samen met alle partijen gaan we voor een optimale service naar de gebruiker toe.”

Voor de gebruiker verandert niets            

Ook de CEO’s van Aqualiner, uitbaters van DeWaterbus, Gerbrand Schutten en Maurice Swets beklemtonen dat er voor de gebruiker niets verandert:
“Wij zien heel erg uit naar de samenwerking met het Vlaams agentschap MDK en zijn ervan overtuigd dat we een mooie toekomst op het water tegemoet gaan. In de eerste plaats willen we onze expertise op gebied van snelle openbaar vervoer veerverbindingen graag inbrengen voor heel Vlaanderen. Daarbij hebben we de afgelopen jaren veel onderzoek verricht en ervaring opgedaan in het verduurzamen van schepen, en dat is kennis die we uiteraard volop gaan delen met MDK en al onze varende collega’s. Immers; alleen door een intensieve samenwerking met alle betrokkenen, kunnen we succesvol zijn en de waterwegen nog beter benutten als alternatief voor het drukke wegennet. In dat verband willen we het Havenbedrijf Antwerpen overigens bijzonder hartelijk danken voor de zeer prettige samenwerking van de afgelopen jaren. Zonder hun planvisie en ondersteuning was het simpelweg nooit gelukt om van DeWaterbus zo’n succesvol mobiliteitsalternatief te maken!”.

Consulteer de dienstregeling hier: www.dewaterbus.be of www.agentschapmdk.be/DeWaterbus.

DeWaterbus in een nieuw jasje