Minister Peeters bezoekt suppletiewerken in Bredene

Minister van Mobiliteit en Openbare Werken Lydia Peeters bracht vandaag een bezoek aan de suppletiewerken in Bredene. Die lopen stilaan op hun einde en het strand zal op 15 juli volledig toegankelijk zijn voor strandgangers. De werken zijn noodzakelijk om Bredene te beschermen tegen overstromingen vanuit zee. In totaal zal zo’n 313.000m³ zand op het strand van Bredene aangevoerd zijn.

Op het strand van Bredene verschijnen na elke zware winterstorm wel kliffen. Ook dit jaar, na onder andere storm Ciara, was dat het geval. De duinvoet was sterk aangetast. Er was geen acuut gevaar voor overstroming maar een verzwakte duinvoet is wel nadelig voor het behoud van een gezond kustfundament. Samen met de gemeente besliste het agentschap voor Maritieme Dienstverlening en Kust (MDK) daarom om nog voor de zomervakantie extra zand aan te brengen aan de duinvoet. De herstelstelsuppletie, die op zijn einde loopt, moet zorgen voor het behoud van een gezond kustfundament en de zeewerende functie van de duinen blijven garanderen.

“Via de nodige investeringen blijven we inzetten op een aangename strandomgeving, economische activiteiten en kustveiligheid,” zegt minister van Mobiliteit en Openbare Werken Lydia Peeters. “Op korte termijn zetten we in op het Masterplan Kustveiligheid waarmee we de  basisbescherming van onze kustlijn verzekeren. Op lange termijn houden we rekening met grotere zeespiegelstijgingen en het garanderen van kustbescherming na 2050. Om hierop een antwoord te bieden loopt het Complex Project Kustvisie. Dit project zal ons, na uitgebreid onderzoek en ruime inspraak van de burger, leiden naar de beste toekomstige kustlijn.”

Masterplan Kustveiligheid:

Het agentschap MDK voert met het Masterplan Kustveiligheid al bijna tien jaar maatregelen uit om onze kustlijn te beschermen tegen een 1000-jarige stormvloed. Bij de uitvoering van de maatregelen gaat MDK uit van het principe “zacht waar het kan, hard waar het moet”. Dat betekent dat we waar het aangewezen is, extra zand aanbrengen op het strand (strandsuppletie) om een hoger en breder strand te creëren. Stormgolven verliezen hierop hun kracht en energie vóór ze schade kunnen toebrengen aan de dijken of de bebouwing. Hoewel er na elke winterstorm hier en daar kliffen ontstaan op het strand toonde onderzoek ook aan dat na een storm het strand deels spontaan herstelt in de daaropvolgende maanden.

De focus van het agentschap MDK ligt steeds op kustbescherming. Toch zoekt MDK steeds naar een evenwicht tussen alle verschillende functies van onze kust: natuur, recreatie, economie. Het is de kunst om die allemaal op mekaar af te stemmen. Het is een constante evenwichtsoefening waar het agentschap niet licht over gaat. Over het belang van het Masterplan Kustveiligheid lanceerde het agentschap eerder deze week dit animatiefilmpje.

1 juli: World Marine Aids to Navigation day

1 juli is de dag van de navigatie-ondersteunende middelen, IALA riep deze dag in het leven om even stil te staan bij alle hulpmiddelen die er zijn om de scheepvaart te begeleiden in een vlotte en veilige vaart.

Vuurtorens zijn vanouds de bakens aan de wal, die de zeelui leiden en die bijdragen tot een veilige vaart. De evolutie in de navigatietechnologie heeft de Vlaamse lichttorens -op enkele na- hun taak ontnomen. In Nieuwpoort is de vuurtoren nog in gebruik, in Oostende de Lange Nelle. Ook Blankenberge heeft een werkende vuurtoren.

Tal van mensen en middelen zorgen nu voor een veilige scheepvaart. Vaarwegen zijn voorzien van een uitgebreid netwerk van boeien en bakens. De laatste jaren zijn heel wat inspanningen geleverd om het onderhoud te optimaliseren en de markeringen te moderniseren. Duurzame technologieën kregen hierbij bijzondere aandacht. Zo zijn ondertussen alle boeien uitgerust met een LED-lichtsysteem, gevoed door kleine zonnepanelen.

Het Scheldegebied is gecoverd door de hoogtechnologische Schelderadarketen, die Vessel Traffic Services (VTS) verleent. Vijf bemande verkeerscentrales en 30 onbemande radarantennes vormen het oog, oor en geheugen van de scheepvaart. Ook de vaste systemen die aan de wal staan, ondergaan een verduurzaming. Deze ‘vaste vaarwegmarkeringen’ krijgen ook een LED-lichtsysteem.

De loodsen brengen de grootste schepen veilig en vlot van en naar de havens in Vlaanderen. De Vlaamse Hydrografie verwerkt de op zee ingewonnen bathymetrische informatie tot navigatiekaarten.

Vuurtorens hebben al eeuwenlang de scheepvaart gediend. Zelfs als alle apparatuur zou uitvallen, kunnen ze nog altijd als baken functioneren. De overgebleven vuurtorens aan onze kust zijn stille getuigen van een groots zeevaartverleden en maken een onmisbaar deel uit van ons maritiem erfgoed.

Windmolenpark SEAMADE gaat van start

Vanuit de haven van Oostende vond donderdagochtend 18 juni het eerste transport plaats met windmolenonderdelen voor het nieuwe windmolenpark Seamade.Onder deskundige begeleiding van twee kustloodsen voer het offshore support vessel APOLLO uit.

Het Seamade windmolenpark is het achtste project in de Belgische Noordzee en is een fusie van de voormalige Seastar en Mermaid projecten en zal bijgevolg uit twee zones bestaan: Seastar zone en Mermaid zone. In totaal zullen er 58 turbines komen.

Zulke projecten vergen voorafgaandelijk intens en veelvuldig overleg tussen alle betrokken partijen. Bijzondere voorwaarden voor dit transport worden opgelegd door Scheepvaartbegeleiding (MRCC) in nauwe samenspraak met het Loodswezen, beide onderdeel van het agentschap Maritieme Dienstverlening en Kust. 

Deze voorwaarden hebben betrekking op verschillende componenten zoals laadoperaties, nautisch-technische aspecten (weer, wind, aantal loodsen, tijvenster, stroomvester, …), verkeersregulerende maateregelen, ….

Tevens hebben de loodsen extra technische ondersteuning nodig zoals de fullSNMS. De full SNMS ADX-XR is een draadloos draagbaar positioneringssysteem dat communiceert via standaard draadloze technologie met het draagbare ECS (Electronic Chart System) van de loods. 

Om tegemoet te komen aan de hoge eisen van het navigeren, manoeuvreren en het dokken van zeer grote schepen levert het toestel zeer precieze gegevens over de snelheid, de koers en de draaibewegingen van het schip. Het systeem bestaat uit drie kleine, lichte en geharde POD (Portable Open Database) eenheden, ideaal voor het transport en het gebruik van het toestel in verscheidenen omstandigheden aan boord van schepen. Dank zij het gebruik van twee modems waarlangs de correctiesignalen via twee verschillende UMTS (Universal Mobile Telecommunications System) providers aangeleverd worden is een hoge bedrijfszekerheid verzekerd in grensgebieden zoals die op de Schelde voorkomen. 

Op 5 juni werd een kustloods naar Duinkerke gestuurd om de Full SNMS te gaan inmeten. Hierbij wordt het schip en locatie opgemeten om een onafhankelijke RTK positiesysteem te plaatsen, dit volledig los van het systeem aan boord. Dit systeem is tot op 1cm nauwkeurig en geeft de loods de nauwkeurigheid om deze transporten mogelijk te maken.

Zondag 14 juni hebben twee kustloodsen het support vessel APOLLO naar Oostende geloodst. hier heeft men dan de eerste onderdelen geladen om vervolgens 18 juni voor de eerste maal uit te varen naar het windmolenpark. 

In totaal zullen vanuit Oostende 29 reizen naar het windmolenpark en terug plaatsvinden. In geval van slecht weer of onvoorziene omstandigheden kan het aantal reizen verhoogd worden bv. als het vaartuig moet binnenlopen met nog windmolencomponenten aan boord.

Meer info over dit project kan je terugvinden op de website van Belgian Offshore Platform

Opvolging van het Marien Ruimtelijk Plan (2020-2026) (MRP).

De Noordzee is één van de meest gebruikte zeeën ter wereld met tal van activiteiten: scheepvaart, toerisme, visserij, zandwinning, windmolens,… Om te voorkomen dat verschillende activiteiten in elkaars vaarwater terechtkomen, werd in 2014 voor het eerst een Marien Ruimtelijk Plan opgesteld. Dat plan brengt onze Noordzee en haar gebruikers in kaart en probeert hun ruimtelijke impact met elkaar te verzoenen. Het loopt telkens over een periode van 6 jaar. Zo verplicht de overheid zichzelf om het plan regelmatig te evalueren. Tegelijkertijd weet iedereen wat waar wordt gepland en wat de visie op lange termijn is. Dit zorgt voor zekerheid voor degenen die nieuwe activiteiten willen ondernemen. De minister van de Noordzee neemt het initiatief voor dit plan. Een raadgevende commissie helpt het plan op te stellen, te evalueren en, indien nodig, aan te passen. In die commissie zitten ook verschillende kustwachtpartners  die op deze manier hun advies kunnen uitbrengen over het plan. Op 20 maart startte de tweede cyclus van het Marien Ruimtelijk Plan.

Wat betekent een nieuw Marien Ruimtelijk Plan nu voor het agentschap MDK?

Als kustwachtpartner draagt ook MDK bij aan de uitvoering van het Marien Ruimtelijk Plan, het duurzame gebruik en de bescherming van het Belgische deel van de Noordzee:

  • Beschermen van de kust tegen stormvloeden vanuit zee:: er zijn specifieke zones aangeduid waar zand gewonnen mag worden voor het ophogen van de stranden
  • Militaire oefeningen worden kenbaar gemaakt aan andere gebruikers via de Berichten aan Zeevarenden
  • Boeien, meetpalen, radars en masten zorgen voor een veilige scheepvaart
  • De ligging van meer dan 300 scheepswrakken is te vinden op onze wrakkendatabank.
  • Nieuwe zones voor windmolenparken en kabels
    • Opleggen bijzondere voorwaarden
    • Intern noodplan
    • Bebakeningsplan  + bebakenen
    • Nautische advies
  • Toezicht op het veilig en vlot scheepvaartverkeer
  • Adviseren bij de gebruiks- en milieuvergunning voor de activiteiten in de zones voor Commerciële en Industriële activiteiten
  • Toezicht op de veiligheid van alle activiteiten op zee

In deze tweede cyclus van het plan zijn ook een aantal nieuwe elementen toegevoegd. Zo is de Vlakte van de Raan  aangeduid als beschermd natuurgebied. In de Kwintegeul is een zone voorzien als akoestische referentiezone. Deze nieuwigheden vereisen ook een aanpassing aan de kaarten (en publicaties) die het team Vlaamse Hydrografie produceert. De nieuwe bestemmingen van de zones zijn toegevoegd op de nieuwe edities van de elektronische zeekaarten. Op de papieren zeekaarten zullen de aanpassingen zichtbaar zijn op de nieuwe edities. De zeekaartenset 107 zal de eerste papieren kaart zijn waarop het bijgewerkte MRP te zien is. Die zal in de komende weken beschikbaar zijn.  De wijzigingen staan wel al beschreven in de Berichten aan Zeevarenden van 26 maart.

Aanduiding van de referentiezone Kwinte op een papieren zeekaart
Aanduiding van het referentiegebied Kwinte op een papieren zeekaart.
Aanduiding van de Vlakte van de Raan als natuurgebied op een ECS (Elektronische zeekaart)

De brochure Er beweegt wat op zee. Het marien ruimtelijk plan 2020-2026’  geeft een mooi overzicht van de belangrijkste activiteiten in onze Noordzee.

Akoestische referentiezone Kwinte

Het team Vlaamse Hydrografie en de Dienst Continentaal Plat voeren sinds 2009 op verschillende tijdstippen metingen uit in de Kwintereferentiezone.  Ze gebruiken daarbij multibeamsystemen op verschillende schepen met elk een eigen opstelling. Meerdere metingen laten toe om de dieptes en posities ten opzichte van elkaar te bekijken en om een referentiemodel van het gebied op te bouwen. Uit alle metingen van de afgelopen tien jaar blijkt dat de zeebodem in die zone zeer stabiel blijft door de jaren heen. Er is geen uitgesproken erosie of aangroei van de zeebodem. Dat maakt van deze zone het ideale referentiegebied voor bathymetrische en backscattermetingen.

Het Kwintereferentiegebied en het model zijn beschikbaar voor iedereen die multibeammetingen uitvoert. Het bathymetrische model kan je opvragen bij de projectpartners. Je kan het gebruiken om je eigen multibeamopstelling te kalibreren en af te toetsen aan de hand van het model. Meer info is te vinden op de website .


GO! Tuinbouwschool Melle en ons agentschap slaan vandaag de handen in elkaar om 1000m² helmgras te planten

GO! Tuinbouwschool Melle en ons agentschap slaan vandaag de handen in elkaar om 1000m² helmgras in de duinen in Oostduinkerke aan te planten. Met de actie “Bossen voor Brossers” willen de leerlingen hun steentje bijdragen aan een beter milieu. Als agentschap verantwoordelijk voor kustbescherming, werken we hier graag aan mee!

Duingebieden aan onze kust vormen een natuurlijke kustbescherming. Ze moeten voorkomen dat de kust onder water loopt door stormvloeden vanuit zee. Duinen het dichtst bij de zee zijn het meest kwetsbaar omdat de wind er vaak het krachtigst is en omdat ze vaak de klappen van de zeegolven moeten opvangen. Om duingebieden te beschermen plant men helmgras aan. Dankzij zijn diepe wortels en snelle groei is het één van de meest efficiënte zandbinders van het plantenrijk. De duinen zullen zo nog steviger worden en ons nog beter beschermen tegen overstromingen.

In de zones waar de Tuinbouwschool aan de slag is zijn helmgras en biestarwegras de natuurlijke begroeiing. Door de jaren heen zijn in het gebied echter ook planten gaan groeien die er niet thuishoren, zogenaamde exoten. Hier in Oostduinkerke gaat het specifiek om (zilver)populieren. Die zijn gegroeid uit takken van de rijshouthagen die het opwaaiend zand opvangen om zo duinen te maken. De exoten zijn de voorbije weken door MDK in nauw overleg met het agentschap voor Natuur en Bos verwijderd uit de duinen.

Vandaag wordt het helmgras aangeplant. Na verloop van tijd zullen ook andere typische plantensoorten zoals zeewolfsmelk en de blauwe zeedistel zich hier op natuurlijke wijze vestigen.

Nathalie Balcaen, administrateur-generaal van het agentschap heette de leerlingen welkom op het strand van Oostduinkerke en bedankte hen alvast voor het harde werk. We hopen dan ook dat alle leerlingen vanavond met een voldaan gevoel naar huis terugkeren. Zij maakten vandaag een stukje aan onze kust veiliger, met een natuurlijke en sterke zeewering, maar ook een beetje mooier door het oog voor biodiversiteit.

Aanpak zandkliffen na doortocht Ciara – update 12/2/2020

Update 12/2/2020:
In tegenstelling tot het bericht van gisteren zal het agentschap MDK morgen niet starten met het breken van kliffen op het strand. Komend weekend verwachten we op nieuw een stormfront over onze kust, weliswaar minder erg dan storm Ciara. Daarom is beslist om het breken van de kliffen uit te stellen tot na het weekend. Volgende week wordt de situatie geëvalueerd. Waar nodig zullen we de stranden nivelleren. Er is geen gevaar voor overstroming, het zandvolume op het strand blijft immers hetzelfde. Wel vragen we wandelaars om voorzichtig te zijn en geen onnodige risico’s te nemen in de buurt van de kliffen.

Zoals verwacht zijn er na het hoog water van gisteren en de kracht van de golven door de storm Ciara zogenaamde ‘kliffen’ op het strand aan onze Vlaamse kust ontstaan. Het gaat om hoogteverschillen tussen het ‘droog strand’ en de lijn tot waar het zeewater de afgelopen dagen kwam.

De opgehoogde stranden hebben tijdens de storm de golfkracht goed opgevangen en vermeden dat er schade of wateroverlast ontstond ter hoogte van de zeedijk. Na de stormperiode zal de ganse kustlijn vanuit een vliegtuig opgemeten worden om een beeld te krijgen van de gevolgen van de storm op vlak van kustveiligheid.

Waar mogelijk zal gerekend worden op het natuurlijk herstel van het strand door het terugbrengen van het zand vanuit diepere zones via de getijdenwerking. Waar noodzakelijk zal een herstelsuppletie uitgevoerd worden.

Los van storm Ciara stonden dit jaar reeds onderhoudssuppleties gepland in De Panne en Wenduine om de kustveiligheid op peil te houden.

Sowieso zal ons agentschap vanaf donderdag wel al starten met het nivelleren van de kliffen om een gevaarlijke situatie te vermijden. Ondertussen raden wij wandelaars aan om niet te dicht in de buurt van de kliffen te komen.

Kliffen in Wenduine na storm Ciara

Mobiliteit en Openbare werken trekt groene kaart

Leidend ambtenaren ondertekenen engagementsverklaring klimaatcel

Brussel 21 januari 2020 – De Lijn, Lantis, De Werkvennootschap, het agentschap Wegen en Verkeer, De Vlaamse Waterweg nv, het agentschap voor Maritieme Dienstverlening en Kust en het Departement Mobiliteit en Openbare Werken bundelen de krachten om de klimaatdoelstellingen van de Vlaamse overheid tegen 2030 te halen. De doelstellingen zijn ambitieus: minstens 40% minder CO2-uitstoot en 27% minder energieverbruik t.o.v. 2015. Om die samenwerking kracht bij te zetten, ondertekenden vandaag alle leidend ambtenaren, met ondersteuning van bevoegd minister Lydia Peeters, een engagementsverklaring in het Errerahuis in Brussel.

Vlnr: Philip de Hollogne (Kabinet minister Lydia Peeters), Roger Kesteloot (De Lijn), Tom Roelants (agentschap Wegen en Verkeer); Wouter Casteels (De Werkvennootschap), Nathalie Balcaen (agentschap voor Maritieme Dienstverlening en Kust), Hans Bruyninckx (Directeur Europees Milieu Agentschap), Filip Boelaert (departement Mobiliteit en Openbare Werken), Chris Danckaerts (De Vlaamse Waterweg nv).

“De uitdagingen zijn groot, zeker voor “het beleidsdomein Mobiliteit en Openbare Werken (MOW)”, verduidelijkt de minister. “Daarom willen de verschillende entiteiten van het beleidsdomein Mobiliteit en Openbare Werken het klimaatdossier concreet, ambitieus en toonaangevend aanpakken, zowel op beleidsniveau als binnen de eigen werking.”

Kennis delen en initiatieven nemen via klimaatcel

De entiteiten van het beleidsdomein hebben op klimaatvlak niet stil gezeten de afgelopen jaren. Nu bundelen ze al hun krachten in een overkoepelende klimaatcel waar kennis gedeeld wordt en allerlei initiatieven samen opgestart. “Zo kunnen we als eigenaar van meer dan 40 overheidsvaartuigen bijvoorbeeld kennis delen over het gebruik van alternatieve brandstoffen aan boord van schepen met de Vlaamse Waterweg”, legt Nathalie Balcaen, administrateur-generaal van het agentschap voor Maritieme Dienstverlening en Kust en tevens initiatiefneemster van de klimaatcel uit.

De klimaatcel gaat voortdurend op zoek naar nieuwe technologieën en studies om ze mogelijk ook in de werking van het beleidsdomein MOW te gebruiken. “VITO (Vlaamse Instelling voor Technologisch Onderzoek) is bezig met studies rond vaste CO2, gaat Nathalie Balcaen verder. “Ik had daar nog nooit van gehoord maar we gaan nu onderzoeken of we deze stof bijvoorbeeld kunnen gebruiken als wegbedekking voor het Agentschap Wegen en Verkeer of voor allerlei zeeweringswerken.  Een win-win: minder CO2 in de lucht en meteen een grondstof voor de (wegen)bouw.” Alle aanwezigen op het ondertekeningsmoment kregen zo’n steentje vast CO2 mee naar huis. “Zo dragen wij allemaal letterlijk ons steentje bij”, aldus Balcaen.

De samenwerking binnen het beleidsdomein MOW verloopt via een vernieuwende structuur met 6 kenniscellen en 15 projecten. Die zijn vastgelegd door het managementcomité van het beleidsdomein en maken dat we grote uitdagingen met gebundelde krachten en vanuit één visie samen aanpakken. Zo zullen we beleidsplannen en beleidsmaatregelen samen ontwikkelen, uitvoeren en opvolgen, vanuit een gemeenschappelijke verantwoordelijkheid voor het hele beleidsdomein”, zegt Filip Boelaert, secretaris-generaal van het Departement Mobiliteit en Openbare Werken.

Gedrag veranderen

Ook Dr. Hans Bruyninckx, directeur van het Europees Milieu Agentschap was getuige van dit ambitieuze startmoment van het beleidsdomein “Uiteraard sta ik positief tegenover een ambitieus plan om mobiliteit op een andere manier te gaan invullen,”  verduidelijkt Dr. Hans Bruyninckx. “ Ik woon nu in Kopenhagen waar 83% van de bevolking wandelt, fietst of gebruik maakt van het openbaar vervoer. Hier in Brussel, is dat een heel ander verhaal. Maar als het in Kopenhagen lukt- moet het hier ook lukken. We moeten ons gedrag veranderen, anders komen we écht in grote problemen. Dat is bovendien niet enkel goed voor het klimaat, maar ook voor luchtkwaliteit, geluidspollutie, onze gezondheid, en de leefbaarheid van onze steden.”

Minister Lydia Peeters vindt het logisch dat het beleidsdomein Mobiliteit en Openbare Werken van de Vlaamse overheid een voortrekkersrol speelt in het behalen van de klimaatdoelstellingen. “Dat staat ook letterlijk in de engagementsverklaring die de leidend ambtenaren vandaag ondertekenden”, aldus minister Lydia Peeters. “Het beleidsdomein MOW heeft de kracht, de wil en de kennis om minimaal de klimaatdoelstellingen van de Vlaamse overheid mee te realiseren. Maar we zullen verder gaan in onze ambities zodat we vanuit die rol ook anderen inspireren: andere Vlaamse departementen, organisaties, maar ook het brede publiek Onze verregaande ambities zullen blijken uit de aard en grootte van onze acties, maar eveneens door de innovatieve technologieën die we inzetten. Dit alles om op termijn klimaatneutraal te kunnen werken.”

Philip de Hollogne, woordvoerder van minister Lydia Peeters, verving de minister tijdens de plechtigheid.

Enkele voorbeelden van concrete beleidsmaatregelen (in onderzoek, opgestart of al in uitvoering)

  • Vervangen van maritieme seinen en lichten door ledlampen
  • Toekennen van hogere scores bij aanbestedingen met een duidelijke energiewinst en minder CO2-uitstoot
  • Advies om percentages gerecycleerd materiaal te gebruiken in betonconstructies
  • Sensibilisering bemanningen schepen rond ‘ecovaren’ waardoor minder brandstof wordt verbruikt
  • Ontwikkeling van energieneutrale projecten (vb Zeesluis in Zeebrugge)
  • Campagnes rond ‘mental shift’
  • Samenwerkingen met bv Blue Bike en Cambio
  • Uitbreiding van het netwerk ‘walstroom’ langs onze bevaarbare rivieren (schepen kunnen groenere elektriciteit vanop het land gebruiken in plaats van hun dieselmotoren te laten draaien)
  • Vergroening van binnenvaart, inclusief onderzoek naar alternatieve brandstoffen
  • Geactualiseerd Sigmaplan, Masterplan Kustveiligheid en Rivierverruiming Maas
  • Pompinstallaties en waterkrachtcentrales op het Albertkanaal
  • Actieplan Droogte en Wateroverlast (korte termijn) of het Waterschaarste en Droogterisicobeheerplan (lange termijn)
  • Investering in elektrische bussen bij het openbaar vervoer

Maar ook binnen de eigen werking van het beleidsdomein MOW is er aandacht voor verlaagde CO2uitstoot en energie-efficiëntie. Enkele voorbeelden:

  • het bestaande wagenpark vervangen door groenere alternatieven (elektrische fietsen, abonnement openbaar vervoer) en elektrische wagen
  • installatie thermostatische kranen
  • energiezuinig bouwen/verbouwen
  • waterrecuperatie
  • zelf energie opwekken
  • gebruik van groene stroom
  • sensibilisering eigen personeel

 

Nieuwe veren op komst

Er wordt hard gewerkt aan de bouw van twee nieuwe veerboten. Watergebonden mobiliteit voor personen organiseren is dan ook één van de doelstellingen opgenomen in de missie van ons agentschap.

Deze schepen zullen op termijn de veerdiensten op de Schelde en in de haven van Oostende versterken. Met een kernteam vanuit dab Vloot (Piet Leeuwerck (scheepsbouw en R&D manager), Maarten De Nolf (superintendent) en Steven Vandevyver (superintendent)) worden de werkzaamheden en vorderingen nauw opgevolgd. Zij staan in voor de technische overlegmomenten met de scheepswerf alsook de regelmatige inspecties ter plaatse.

Het veer voor Oostende is een pioniersproject. Dit zal het eerste volledige elektrisch veer zijn die de vloot van de Vlaamse overheid zal vervoegen. Niet enkel de hogere capaciteit, maar ook de belangrijke bijdrage in het kader van de klimaatdoelstellingen zijn twee kenmerken die dit schip bijzonder maken.

Het veer voor de Schelde zal uitgerust zijn met heel wat moderne technologie. Zo zullen onder meer de zonnepanelen instaan om de elektrische systemen aan boord te voeden.

meer foto’s via: www.welkombijvloot.be