Eerste elektrische veerboot in gebruik genomen door minister Lydia Peeters!

Een absolute primeur,” zo klinkt het bij het agentschap voor Maritieme Dienstverlening en Kust (MDK) dat met trots de elektrische veerboot voorstelt. Een primeur voor MDK, maar ook voor de stad Oostende, want op 12 juli 2021 vaart de eerste elektrische veerboot RAVEEL ONTMOET ENSOR uit met passagiers. Vlaams minister van Mobiliteit en Openbare Werken Lydia Peeters laat dit moment niet onopgemerkt voorbij gaan. De minister zakt hiervoor af naar Oostende en neemt vandaag deze hypermoderne veerboot in gebruik. “Een duurzaam, innovatief en zeer stil vaartuig wat bijkomend een enorm voordeel is voor de specifieke locatie in de stadkern,” stelt minister Peeters.

Met een investering van afgerond € 2.979.000 voeg ik een uiterst duurzame veerboot toe aan onze vloot. Een belangrijke investering voor MDK, en ook voor Oostende, want deze veerdienst is bijzonder belangrijk voor recreatieve verplaatsingen in de regio. Zowat 940.000 passagiers maakten gebruik van de veerdienst in 2019, een absoluut topjaar. In 2020 waren dat er een stuk minder, zowat 444.000 passagiers, te wijten aan de pandemie,” vertelt minister Peeters. “Mooi is ook dat er met dit project opnieuw een verhaal gebracht wordt. Het is niet zomaar een boot, maar een vierde Raveelicoon aan de kust. Opnieuw een mooie ode aan de meester die binnenkort honderd zou geworden zijn.” Er werd voor gekozen om de nieuwe elektrische veerboot te huldigen in hetzelfde kleedje als de huidige veerboten. Deze schetstekening ontworpen door Roger Raveel is ondertussen een gekend beeld in de haven van Oostende. Nieuw is dat op de spiegel van het vaartuig een extra werk werd aangebracht. “Een echte levensgebeurtenis van Roger Raveel waarbij hij kort na de Tweede Wereldoorlog James Ensor ontmoette.” Dit werk schilderde Raveel op de eerste verdieping in het gebouw aan de Sir Winston Churchillkaai waar Vloot, onderdeel van MDK, normaal gehuisvest is. Het werk illustreert de naam van het vaartuig en toont de link van beide grootmeesters met de stad Oostende.

De opmerkzame voorbijganger zag dit nieuwste exemplaar ongetwijfeld al varen. De bemanning kreeg de afgelopen weken een intensieve opleiding om het elektrisch veer volledig onder de knie te krijgen. “Niet evident want de veerboot is veel groter, maar ook de technologie is helemaal nieuw,” duidt Nathalie Balcaen, administrateur-generaal van MDK. “Het schip meet 23 meter lang en 6,5 meter breed en kan tot honderd passagiers overzetten wat een verdubbeling is van de huidige capaciteit.” De RAVEEL ONTMOET ENSOR maakt gebruik van zeer vooruitstrevende technieken. Het vaart met een voortstuwingssysteem dat half zo groot is als een dieselelektrisch voortstuwingssysteem dankzij de kleinere, zeer efficiënte en lichte elektromotoren. Enkel in geval van nood, bijvoorbeeld bij lange uitval van de walvoeding, zal het voortstuwingssysteem aangedreven worden door een dieselgenerator.

De laadtoren bevindt zich op het drijvend ponton aan de Oosteroever en dient om de RAVEEL ONTMOET ENSOR overdag bij te laden. Ook de zonnepanelen die op het dak geïnstalleerd zijn, leveren voldoende energie om in de volledige energiebehoefte van het veer te voorzien met uitzondering van het voortstuwingssysteem. De RAVEEL ONTMOET ENSOR heeft een autonomie van ongeveer drie uren varen aan cruisesnelheid. Dat betekent dat de boot gedurende drie uren enkel op batterijen kan varen. “Dat is natuurlijk niet voldoende om een volledige dag te overbruggen. Daarom zal de veerboot per drie tot vier vaarten tijdens het in- en uitstappen van de passagiers bijladen aan Oosteroever. ‘s Nachts zal de veerboot telkens volledig opladen via walstroom,” vult Nathalie Balcaen verder aan.

Oosteroever is in volle ontwikkeling. De stadswijk is uniek, modern en ademt een bijzonder sfeer uit. Bovendien is de natuur er een echte troef. Een echte ‘place to be’. De elektrische veerboot maakt de verbinding met het bruisende stadscentrum, het kloppend hart van onze stad, makkelijker. De nieuwe veerboot is niet alleen een stuk groter maar is bovenal milieuvriendelijk. Niet enkel voor wagens maar ook voor boten moeten we de omslag maken”, aldus een tevreden burgemeester Bart Tommelein.

Op dit moment geldt nog steeds een beperking van het aantal passagiers door COVID-19, waardoor er vandaag maximum 60 passagiers mee kunnen per overtocht.

Oostende nog mooier en nog beter beveiligd tegen stormvloeden

De werken aan de Albert I-promenade en de Montgomerykaai in Oostende werden deze morgen officieel afgerond. Vlaams minister van Mobiliteit en Openbare Werken Lydia Peeters, burgemeester Bart Tommelein en schepen van Openbare Werken Björn Anseeuw aanschouwden het resultaat. Na tien maanden werken is de zone tussen het Zeeheldenplein en de Visserskaai nog beter beveiligd tegen zware stormvloeden en is de omgeving verfraaid.

In september vorig jaar sloegen het agentschap voor Maritieme Dienstverlening en Kust (MDK) en stad Oostende de handen in elkaar om de stad verder te beschermen tegen overstromingen vanuit zee en de omgeving te verfraaien. De zone tussen het Zeeheldenplein en de Visserskaai vormde nog een zwakke schakel in de beschermingsgordel van Oostende. De stad maakte van de gelegenheid gebruik om de Albert I-promenade tussen de Van Iseghemlaan en de Cirkelstraat en de Montgomerykaai opnieuw aan te leggen. Ook de watermaatschappij investeerde mee in de werken.

Extra bescherming

Tussen de bestaande stormmuren op het Zeeheldenplein en de Visserskaai bouwde MDK een nieuw stukje vaste stormmuur. Daarnaast is ook alles voorzien om een mobiele stormmuur op te kunnen stellen in geval van storm. In normale omstandigheden is deze mobiele stormmuur amper te zien. Het gaat om hetzelfde type mobiele kering als verder op de zeedijk ter hoogte van de Albert I-promenade.

De bouw van dit stukje stormmuur en mobiele kering vormen onderdeel van het Masterplan Kustveiligheid. Daarin zijn een reeks maatregelen uitgewerkt om onze 67 kilometer lange kust te beschermen tegen zeer zware stormvloed, één van de belangrijkste natuurlijke dreigingen in de Noordzeeregio.

De kust beschermen tegen zware stormvloeden blijft een topprioriteit”, zegt minister Lydia Peeters. “We mogen daarbij echter niet voorbijgaan aan de belangrijke economische en toeristisch-recreatieve waarde van onze kustregio. We streven daarom een goede samenwerking na met de kuststeden en -gemeenten. Door de zeewering te integreren in de omgeving en werken op elkaar af te stemmen bereiken we een mooi eindresultaat.

Om Oostende te beschermen werden eerder al een aantal werken uitgevoerd:

  • Strandsuppleties in Mariakerke ,Raversijde, Oostende-Centrum en op Oosteroever;
  • Bouw van de mobiele kering langs de Albert I-promenade;
  • Renovatie van het Zeeheldenplein met een verlaagd gedeelte dat bij zware storm de golven opvangt; 
  • Stormmuren langs de Wandelaarkaai en Slijkense Steenweg;
  • Stormmuur in Mariakerke;
  • Duin voor dijk in Raversijde

Voor de maatregelen die nodig zijn vanaf het Montgomerydok tot in de achterhaven zijn de studies volop lopende.

Verfraaiingswerken

Stad Oostende maakte van de gelegenheid gebruik om de Albert I Promenade tussen de Van Iseghemlaan en de Cirkelstraat, en de Montgomerykaai opnieuw aan te leggen en zo de omgeving te verfraaien.

De totale kostprijs van de verfraaiing en de stormmuren is 3,9 miljoen euro. Daarvan neemt de Vlaamse overheid een kleine 1 miljoen euro voor haar rekening. Stad Oostende investeert 1,7 miljoen euro en Farys 1,1 miljoen euro.

Om onze kust te beschermen tegen de stijging van de zeespiegel en om in te spelen op de klimaatveranderingen wordt fors geïnvesteerd in de veiligheid van onze stad. Stormen zoals Odette en Chiara bewijzen de noodzaak hiervan. De werken aan de Albert I-promenade en de Montgomerykaai maken onze stad dus klaar voor morgen. De impact op de omgeving was groot, gedurende 10 maanden werd een belangrijke verkeersader afgesloten. Het resultaat mag er zijn. Het wordt gezellig kuieren langs de promenade. Dankzij de vlotte samenwerking tussen de Vlaamse Overheid, TMVW en de stad Oostende realiseren we een totaalproject voor de toekomst”, aldus burgemeester Bart Tommelein.

Gentse Meulestedebrug is opnieuw open voor alle verkeer

Vandaag is de Meulestedebrug, een cruciale verkeersader in de Gentse havenregio, opnieuw in gebruik genomen. De Meulestedebrug liep op 24 oktober 2020 ernstige schade op door een aanvaring van een binnenschip. De brug werd onmiddellijk afgesloten met heel wat verkeershinder als gevolg. In nauw overleg tussen De Vlaamse Waterweg, stad Gent, North Sea Port, Voka en het agentschap voor Maritieme Dienstverlening en Kust (MDK) werden verschillende maatregelen getroffen om de hinder zo beperkt mogelijk te houden, waaronder de inzet van het extra veer. Vandaag eindigen de ‘minder hinder’-maatregelen en gaan we stilaan terug over naar de reguliere dienstverlening.

Meer dan 547 000 gebruikers geholpen

De Vlaamse Waterweg liet de tijdelijke vaste fiets- en voetgangersbrug, die nog gebruikt werd tijdens de vorige herstellingswerken, opnieuw installeren vlak naast de Meulestedebrug. Zo konden fietsers en voetgangers oversteken via de tijdelijke brug zonder een omleiding te volgen. Daarnaast voorzag Vloot een extra veer in Langerbrugge om het kanaal Gent-Terneuzen over te steken. Het extra veer voer op weekdagen tussen 7 en 19 uur om de wachttijden tijdens het drukste moment van de dag te beperken.

In totaal namen meer dan 547.000 gebruikers het veer tijdens deze periode. Dit is een stijging van 43% in vergelijking met een normale, coronavrije periode.

North Sea Port en Vloot leidden extra personeelsleden op om deze tijdelijke capaciteitsverhoging mogelijk te maken. Door de inzet van een tweede veerboot kon een vlotte dienstverlening gegarandeerd worden. Bedankt aan alle collega’s voor de extra inzet de voorbije periode!

Lees het volledige persbericht van De Vlaamse Waterweg hier.

foto: pre-corona

Uurregeling veerdienst Oostende uitgebreid!

Vanaf 1 april 2021 gaat de zomerregeling in voor de veerdienst aan de kust. Sinds een aantal jaar is de samenwerking tussen MDK via Vloot en de stad Oostende voor het veer in Oostende versterkt. Ook dit jaar wordt opnieuw voorzien in een fors uitgebreide dienstverlening. 

In Oostende zullen naast de uitbreiding van de uurregeling ook de wachttijden beperkt worden door de inzet van een tweede veer tijdens de piekmomenten. Op vrijdag en zaterdag tijdens de maanden april, mei, juni en september zal het veer tot middernacht varen. In juli en augustus zal het veer dagelijks tot middernacht varen. Klik hier om de uurregeling van het veer in Oostende te raadplegen. 

De veerdienst in Nieuwpoort vaart tijdens de weekends en op feestdagen. Tijdens de schoolvakanties vaart het veer dagelijks. Klik op deze link om de uurregeling van het veer in Nieuwpoort te bekijken.

De strijd tegen COVID-19 zit er helaas nog niet op. Daarom gelden nog steeds enkele beperkingen op en rond het veer zodat de veiligheid voor de passagiers maar ook voor de bemanning kan gegarandeerd worden. De mondmaskerplicht is op alle openbaar vervoer van toepassing en dus ook op de veerdienst. Houd afstand van elkaar tijdens het wachten op het ponton en op de veerboot.

Veremans krijgt opfrisbeurt in Oostende

Het hydrografisch peilvaartuig Veremans is tegenwoordig in Oostende te spotten. Het schip heeft als thuishaven Antwerpen en is daarom vooral te zien op de Schelde. Voor een droogdokbeurt ruilde de Veremans de natuurlijke habitat in voor een kort verblijf op een scheepswerf in Oostende. 

Gedurende enkele weken eind februari en begin maart zit het schip in droogdok waar het volledig wordt nagekeken. Er worden heel wat verschillende controles uitgevoerd zoals diktemetingen van het staal van de romp, controle van de buitenboordafsluiters, meting van de speling op de roeren en de schroefas en het opmeten van de ankerketting. De volledige romp krijgt ook een nieuwe laag verf. 

Aan boord van de Veremans bevindt zich heel wat hydrografische apparatuur. Met een single- en multibeam scannen de hydrografen van het team Vlaamse Hydrografie de bodem van de Schelde om vervolgens met de data daarvan zeekaarten te maken. Ook het team Vlaamse Hydrografie maakt van deze droogdokbeurt graag gebruik om onderhoudswerken uit te voeren aan deze apparatuur. 

Superintendent Jan De Kerf begeleidt het droogdok samen met de bemanning van het schip, schipper Stijn Laurent, hoofdmotorist Serge Verelst en matroos Joeri Neudt. Het team volgt de werken aan boord nauwkeurig op in nauwe samenwerking met Dieter Van Campenhout en Kevin Verelst van het team Vlaamse Hydrografie. 

Als alle werken afgerond zijn, zal de Veremans terug naar Antwerpen varen om opnieuw peilingen uit te voeren op de Schelde en zo bij te dragen aan veilig en vlot scheepvaartverkeer. 

Diepterecord verbroken in Deurganckdok

De eerste proefvaart in het kader van een mogelijke uitbreiding van de maximale diepgang van de Westerschelde is met succes uitgevoerd. Op zondag 28 februari 2021 is de MSC Regulus de haven van Antwerpen binnengekomen met een diepgang van 15,7 meter, een nieuw record. Het is de eerste in een reeks proefvaarten waar de diepgang zal worden opgevoerd tot 16 meter. Deze diepgang is nodig om in de toekomst de allergrootste containerschepen te kunnen blijven ontvangen. Het proefproject is een samenwerking tussen Port of Antwerp, het Vlaams en Nederlands Loodswezen, de Vessel Traffic Services, de Gemeenschappelijke Nautische Autoriteit en rederij MSC.

MSC Regulus vaart Port of Antwerp binnen.


De huidige maximumdiepgang van de Westerschelde voor containerschepen die naar Antwerpen opvaren, bedraagt 15,5 meter. Om in de toekomst de allergrootste zeeschepen toe te laten om Antwerpen als eerste aanloophaven te kiezen, is een diepgang bij opvaart van 16 meter nodig. Daarom werd besloten om een reeks proefvaarten uit te voeren waarbij de maximale diepgang gradueel wordt opgevoerd naar 16 meter. Door deze verhoging wordt de laadcapaciteit van de schepen aanzienlijk groter. Vijf decimeter extra kan circa 1000 TEU winst opleveren.

De opvaart voor diepliggende schepen wordt bepaald door het getij. Tijdens de hogere waterstand spreekt men van een ‘tijvenster’ waarbij een dieper schip kan op- of afvaren. Om vlot en veilig scheepvaartverkeer te garanderen, voerde het agentschap MDK eerst een zorgvuldig theoretisch onderzoek. Zowel de berekening van de tijvensters als de simulaties hebben aangetoond dat scheepvaart met een diepgang van 16 meter mogelijk is op de Westerschelde.

De graduele verhoging van de diepgang wordt door zowel Vlaamse als Nederlandse loodsen getest. Na elke diepgangtest volgt een evaluatie en worden de ervaringen uitgewisseld waarbij ook de GNA betrokken is. Na zes proefvaarten volgt een eindevaluatie en wordt een finale beslissing genomen over de opvaart van schepen met een diepgang van 16 meter.

“De graduele verhoging van scheepvaart tot een maximum diepgang van 16 meter betekent een aanzienlijke optimalisatie van de laadcapaciteit. Jarenlange ervaring, nautisch expertise en een sterke samenwerking over de landsgrenzen heen maken deze testvaarten mogelijk en verhogen de economische welvaart in Vlaanderen. De nautische keten wordt steeds robuuster en zoekt – met succes – de grenzen op van wat veilig haalbaar is,” aldus Nathalie Balcaen, administrateur-generaal van het agentschap MDK én Permanent Commissaris van Toezicht op de Scheldevaart.

Lees het volledige persbericht.

Het agentschap MDK presenteert de jaarcijfers van een bewogen werkjaar.

Het kalenderjaar 2020 zit erop. Het was een jaar als geen ander. Ondanks de wereldwijde pandemie en de uitdagingen die dit met zich meebracht, bleef het agentschap voor Maritieme Dienstverlening en Kust (MDK) haar diensten leveren en samenwerken met al haar stakeholders, in de nautische keten en daarbuiten. Dit vertaalt zich naar volgende concrete cijfers.

2020 in cijfers

Veiligheid voorop

Het Masterplan Kustveiligheid werd verder uitgevoerd om de 67 kilometer lange kust te beschermen tegen zware stormvloed. MDK investeert in de nodige maatregelen om de kust en het achterliggende land te beschermen tegen overstromingen vanuit zee. Het agentschap handelt daarbij volgens het principe ‘zacht waar het kan, hard waar het moet’. Waar het aangewezen is, creëert MDK een breder en hoger strand of extra aanplanting voor sterkere duinen, waar het niet anders kan voorziet het agentschap stormmuren of een stormvloedkering.

Zandsuppleties blijven echter nog steeds de meest effectieve maatregel om ons te beschermen tegen overstromingen vanuit zee, ook al vragen ze regelmatig onderhoud. Bovendien creëren suppleties een natuurlijke omgeving waar naast de mens ook planten en dieren hun plaats kunnen hebben. In totaal werd er in 2020, 899.973 m³ zand toegevoegd aan onze stranden.

Ook Nieuwpoort kende in 2020 heel wat bedrijvigheid waar ijverig verder gewerkt werd aan de bouw van de stormvloedkering. Hiervoor werden in 2020 maar liefst 1.230 m³ beton, 198.987 kg wapeningsstaal, 1.253.566 kg damplanken en 2.169.025 kg buispalen gebruikt.

Stormvloedkering Nieuwpoort

Veilige scheepvaart

Een onmisbare schakel die achter de schermen bijdraagt aan een optimale werking van de nautische keten is het team Vlaamse Hydrografie. En dat was het afgelopen jaar niet anders, zij voerden peilingen uit van de zeebodem en de Schelde, peilden naar wrakken om hun plaats in de vaargeulen te bepalen en brachten al deze informatie samen op zee- en Scheldekaarten. Deze kaarten zijn vitale informatie voor de scheepvaart. Het team Vlaamse Hydrografie deed het afgelopen jaar 517 peilingen op zee en 410 op de Schelde. Ze maakten zo’n 936 elektronische kaarten voor de scheepvaart.

Onze loodsen voerden samen maar liefst een totaal van 53.110 loodsreizen uit in 2020 en bleven dus ook in deze moeilijke tijd doorwerken. Concreet gaat dit over 4.180 loodsreizen op het kanaaltraject, 6.001 op het kusttraject, 21.221 op het riviertraject en 21.634 op het zeetraject. We stellen ondanks de pandemie dus slechts een lichte daling vast ten opzichte van het aantal loodsreizen in 2019 (59.644). De rol van een loods als nautisch expert is niet te onderschatten. Schepen worden steeds groter, langer en in 2020 ook dieper. Het agentschap en betrokken partners staan klaar om in 2021 proefvaarten te doen met schepen tot 16 meter diepgang naar de haven van Antwerpen.

Voor veilige en vlotte scheepvaart op de Westerschelde werken de bevoegde Vlaamse en Nederlandse overheden nauw samen onder het verdragsrechtelijk verankerd “Gemeenschappelijk Nautisch Beheer”. In 2021 viert de Schelderadarketen (SRK) haar dertigjarig jubileum. De 29 radartorens van de SRK zorgen voor de radarbeelden op basis waarvan verkeersleiders in 5 verkeerscentrales (Zeebrugge en Zandvliet in Vlaanderen, Vlissingen, Terneuzen en Hansweert in Nederland) het scheepvaartverkeer kunnen begeleiden aan wal.

Veiligheid op zee

In 2020 kwamen er 283 noodoproepen binnen bij het Maritiem Reddings- en Coördinatiecentrum (MRCC) in Oostende. Het MRCC coördineert alle (mogelijke) reddingsoperaties op zee en vanaf de waterlijn en zet daarbij zowel vliegende als varende eenheden in. Dit aantal is ook gedaald tegenover het vorige jaar, een grote factor is de corona-uitbraak met heel wat recreatieve beperkingen en bijvoorbeeld een tijdelijk verbod op pleziervaart.

MRCC

Meer dan 2 miljoen passagiers over water

Het agentschap zet via Vloot, ook heel wat diverse overheidsvaartuigen in. Naast vaartuigen voor beloodsingen, de ondersteuning van de kustwachtpartners, het onderhouden van de vaarwegmarkering, ter ondersteuning voor hydrografisch en zeewetenschappelijk onderzoek, verzorgt het agentschap 7 veerdiensten in Vlaanderen. Ondanks de bijzondere veiligheidsmaatregelen (tijdelijke onderbreking van toeristisch/recreatieve veren aan de kust, het veer tussen Bazel en Hemiksem en het Sint-Annaveer, alsook de capaciteitsbeperking) vervoerden de veren in 2020, 2.393.079 passagiers. Dit zijn ruim een miljoen minder passagiers dan in 2019 wat te verklaren is door de coronamaatregelen, veel meer telewerken, minder recreatieve verplaatsingen en de scholen die gedeeltelijk afstandsonderwijs inrichtten.

Het agentschap kon 2020 afsluiten met een opsteker want op 1 januari 2021 kwam DeWaterbus onder haar bevoegdheid. Dit is een belangrijke eerste stap om verder te investeren in personenmobiliteit over het water in Vlaanderen.

Samen tegen corona

Er werden het voorbije jaar grote inspanningen geleverd door alle 1.228 medewerkers van het agentschap om de werking te blijven garanderen. De nautische keten kon het voorbije jaar 100% operationeel blijven dankzij versterkte samenwerkingen waarin het agentschap MDK een spilfiguur mocht spelen. Minister van Mobiliteit en Openbare Werken, Lydia Peeters gaf MDK in maart de opdracht om een grensoverschrijdende Taskforce Nautische Keten bij elkaar te roepen om te waken over de werking van de volledige nautische keten tijdens deze bijzonder uitdagende periode.

Deze taskforce bundelde de verschillende ketenpartners die nodig zijn om een schip vanop volle zee veilig tot aan de kade in elk van de havens in Vlaanderen te krijgen. De zeehavens zijn belangrijke schakels in onze economie. Medewerkers en partners in de nautische en logistieke keten vervullen dan ook een cruciale rol in de processen om voeding, medisch materiaal en essentiële producten naar de leveranciers en bevolking te krijgen. Het agentschap werkt hiervoor nog steeds nauw samen met De Vlaamse Waterweg, afdeling Maritieme Toegang van het departement Mobiliteit en Openbare Werken, Rijkswaterstaat (NL) en het Nederlands Loodswezen, de vier zeehavens: Port of Antwerp, North Sea Port, Port of Zeebrugge en Port of Oostende, én de verenigingen van havenloodsen en sleepbedrijven.

Blik vooruit op 2021

Het agentschap Maritieme Dienstverlening en Kust blijft in het volgende jaar uiteraard ijveren voor veilig en vlot scheepvaartverkeer en een optimale nautische ketenwerking, personenmobiliteit over water en een performante kustbescherming. MDK zet verder in op innovatie en trekt waar mogelijk de duurzaamheidskaart: van groenere suppleties en baggerwerken, tot havenseinen en boeien met ledverlichting en elektrische veren. Het agentschap streeft daarnaast naar een versterkte en structurele samenwerking met haar stakeholders via het Raadgevend Comité dat voor het eerst zal samenkomen in 2021.

Onbemand peilen: hydrografie van de toekomst

Autonoom varen zit sinds een paar jaar in de lift. Ook ons agentschap  zet hier volop op in. In 2019 startten we een intern innovatieproject rond het thema van onbemand varen, met de focus op hydrografie. Projectleider Samuel Deleu van het team Vlaamse Hydrografie deed hiervoor een internationale bevraging met als einddoel in 2022 de eerste peilingen  met een eigen onbemand vaartuig te kunnen uitvoeren.

“Het einddoel van ons project is een eigen onbemand vaartuig kunnen inzetten om de zeebodem gedetailleerd op te meten of te peilen,” licht Samuel toe. “Een hydrografisch moederschip zou het Unmanned Surface Vehicle (USV) vervoeren en uitzetten op locatie om simultaan te peilen. Mogelijks bekijken we in een latere fase of de inzet van een USV vanuit de haven in volledige autonome modus haalbaar en interessant is.. Voor het zover is, moeten we uitzoeken welke verschillende innovaties operationeel en financieel mogelijk zijn.” 

Eerste stappen zijn al gezet

De eerste stappen richting peilen met een onbemand vaartuig zijn al gezet. Het team Vlaamse Hydrografie heeft sinds vorig jaar een klein Unmanned Surface Vehicle (USV), de Q-boat om stromingsmetingen uit te voeren in het Zwin. Daarnaast zal het team met de Q-boat singlebeam dieptemetingen uitvoeren in de Vlaamse kustjachthavens. Met zijn vrij kleine diepgang en zijn grote wendbaarheid is de Q-boat ideaal om gebieden met een lage waterstand of moeilijk bereikbare zones te peilen. Ook andere overheidsinstellingen tonen interesse in het gebruik van de Q-boat. “Dit jaar rustten we de Q-boat uit met een multibeam systeem. Voor het vervoer ervan en om het in het water te laten, lieten we een aanhangwagen op maat ontwerpen”, vertelt Samuel.

Onbemand peilen op zee

“Het belangrijkste werkterrein van het team Vlaamse Hydrografie is echter de Noordzee. De Q-boat is hiervoor niet geschikt,” legt Samuel uit. “Een onbemand vaartuig voor op zee moet aan bepaalde golfkrachten kunnen weerstaan enerzijds om de kwaliteit van de metingen te kunnen garanderen en anderzijds naar veiligheid toe. Het voorbije jaar deden we een uitgebreide marktverkenning. We bekeken alle USV’s die geschikt zijn voor de open zee. We beoordeelden de vaartuigen op een aantal criteria zoals rompvorm, materiaal, snelheid, grootte en gewicht, datakwaliteit, software, gebruikerservaringen, ondersteuning, veiligheid, het Launch and Recovery System (LARS of het systeem om het in en uit het water te hijsen), en de prijs,” verduidelijkt Samuel.

 “Tijdens de marktverkenning bleek dat de aanbieders voor een USV voor open zee niet zo talrijk zijn”, stelt Samuel. “De markt voor kleine USV’s voor inzet in beschutte gebieden is veel groter, op zee gelden natuurlijk heel andere omstandigheden waar we goed moeten over nadenken. Ook buitenlandse hydrografische diensten denken na over hoe ze USV’s gaan gebruiken in de toekomst. Bij het team Vlaamse Hydrografie is het echt de bedoeling om die dagdagelijks te kunnen inzetten.”

Dubbele winst

Het inzetten van USV’s zou een efficiëntieslag voor hydrografische activiteiten betekenen.

“Op die manier zouden we maximaal kunnen profiteren van dagen met goed ‘peilweer’,” oppert Samuel. “Je moet weten dat het voor een peiling op zee al snel slechte weerscondities zijn. Hoge golven zorgen ervoor dat we met de meetapparatuur geen kwaliteitsvolle metingen meer kunnen doen. Door op de dagen met goede weersomstandigheden te peilen met een USV én op hetzelfde moment met het moederschip, kunnen we een veel groter gebied in kaart brengen. Dat zou een enorme efficiëntiewinst opleveren.” 

Next steps

Op basis van de marktbevraging en de gebruikerservaring zal een eigen autonoom vaartuig aangekocht worden. In 2021 zet het projectteam hiervoor een bestek op de markt. “Wij hopen in 2022 de eerste testvaarten te kunnen doen met ons eigen autonoom vaartuig”, besluit Samuel. 

Vogels tellen? Het gebeurt ook aan boord van de Simon Stevin!

Op zaterdag 30 en zondag 31 januari 2021 vindt het jaarlijkse Grote Vogelweekend van Natuurpunt plaats. Je kan zelf meehelpen door de vogels in je tuin te tellen. En nee, je hoeft helemaal geen vogelkenner te zijn. 

Niet alleen de tuin maar ook de Noordzee vormt een belangrijke biotoop voor vogels. Wist je dat het zeewetenschappelijk vaartuig Simon Stevin daarom maandelijks onderzoekers van het Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek aan boord ontvangt? Deze onderzoekers tellen zeevogels zoals alken, kleine mantelmeeuwen, visdieven en zeekoeten en migrerende landvogels zoals spreeuwen, ganzen, eenden, roofvogels en zelfs uilen! Ook andere zeezoogdieren komen in aanmerking zoals bruinvissen en zeehonden. Vaar in dit filmpje even mee met de Simon Stevin en spot een bultrug in de Noordzee!

Het Vlaams Instituut voor de Zee (VLIZ) staat in voor de organisatie en de planning van alle zeewetenschappelijk onderzoek dat gebeurt met de Simon Stevin. Vloot, de rederij van het agentschap voor Maritieme Dienstverlening en Kust, zorgt voor het bemannen en bedrijfsklaar inzetten van het schip. Een sterke samenwerking die expertise, kennis en ondersteuning bundelt om onderzoek in de beste omstandigheden te laten plaatsvinden. 

Zelf aan de slag gaan in je tuin? Natuurpunt geeft enkele handige tips om vogels van elkaar te onderscheiden en om de meest voorkomende tuinvogels te herkennen. Alle info over Het Grote Vogelweekend vind je hier.

Nieuwe havensignalisatie kondigt einde werken Oostendse havengeul aan

Wie gaat wandelen langs de strekdammen in Oostende, zal getuige worden van een waar spektakel. MDK zal in samenwerking met onderaannemer Engie Solutions en Oostende, drie grote masten op de site omhoog hijsen. Het opleveren van deze masten vormt het sluitstuk van de werken aan de Oostendse havengeul.

Havensignalisatie

Het opstellen van de respectievelijke grijze, groene en rode mast, die instaan voor de havensignalisatie zullen voor heel wat bekijks zorgen. Dit staat de komende weken op het programma van het agentschap voor Maritieme Dienstverlening en Kust en onderaannemer Engie. De drie masten markeren de toegang van de haven voor schepen, waarbij links rood bakboord is en groen rechts stuurboord (vanuit zee gezien). Opvallend is ook dat niet enkel de seinlichten deze typische maritieme aanwijzingen zullen hebben, maar de masten zelf zullen ook volledig groen en rood zijn, een primeur aan onze kust. De masten zullen opgetrokken worden op het einde van de nieuwe strekdammen.

De groene mast werd deze ochtend geplaatst.


Groen licht

De Vlaamse regering heeft als operationele doelstelling vooropgesteld om duurzaam en innovatief aan te besteden en het energiegebruik in gebouwen en ook qua technische infrastructuur te doen dalen. Het resoluut kiezen voor een ledverlichting bij deze hernieuwde havensignalisatie, past in deze aanpak. Ledverlichting is niet enkel duurzamer, ook zijn deze lampen minder snel aan vervanging toe.

Deze lampen zorgen ook voor een betere zichtbaarheid ten behoeve van de scheepvaart en vergen quasi geen onderhoud.