MDK: 2019 in cijfers

Meer dan ooit de drijvende kracht achter onze scheepvaart en kustbescherming.

De cijfers van 2019 ogen indrukwekkend.

Onze rivier-, kust-, kanaal- en zeeloodsen (350 in totaal) voerden maar liefst een kleine 60.000 loodsreizen (59.644) uit in 2019. Met hun expertise en technische knowhow zorgden ze ervoor dat zeeschepen van over de hele wereld veilig en wel over de Noordzee, de Westerschelde en het kanaal Gent-Terneuzen konden varen – om veilig aan te meren in Vlaamse havens. Onze loodsen stonden 365 dagen ter beschikking, 7 dagen op 7, 24u op 24 in nauwe samenwerking met al hun MDK collega’s die de veilige en vlotte werking van de nautische keten mogelijk maken.
Het aantal beloodste vaarten steeg in 2019 licht ten opzichte van het jaar ervoor (58.999 om precies te zijn in 2018). De schepen die beloodst worden, zijn ook almaar groter. Wat de sterke toename van bijvoorbeeld het aantal containers in onze havens, verklaart.

Grotere schepen

Maar zo’n grotere schepen hebben ook gevolgen voor het agentschap en haar medewerkers. “De peilingen die onze Vlaamse Hydrografie doet op de Noordzee en Schelde en de kaarten die ze daarvan maken voor loodsen en kapiteins moeten zeer accuraat, nauwkeurig en up-to-date zijn. “Het gaat soms echt om centimeters”, aldus MDK. De Vlaamse Hydrografie maakte in totaal 913 elektronische kaarten voor de loodsen. Op de Schelde alleen al voerde de dienst 467 peilingen uit. Op de Noordzee waren dat er 127.
Maar ook loodsen moeten deze evolutie van steeds grotere schepen volgen. Een loods moet zich constant bijscholen in het beloodsen van nog grotere vaartuigen en dat op één van de meest moeilijke en drukst bevaren vaarroutes ter wereld.

Kustbescherming

De afdeling Kust van het agentschap blijft met het Masterplan Kustveiligheid verder investeren in onze kustbescherming. Het zeeniveau stijgt – door de opwarming van de aarde – verder. Vandaar dat ingrepen om onze Vlaamse Kust en het hinterland te beschermen tegen overstromingen vanuit zee écht nodig zijn. Zo bouwde Kust in 2019 verder aan de Stormvloedkering van Nieuwpoort: een indrukwekkend bouwwerk waar nu al zo’n 1000 ton gewapend staal en 8 120 m² beton in verwerkt zit.
Kust verhoogde ook de stranden van Knokke en De Haan. Voor de versterking van onze natuurlijke en zandige kust vormen zogenaamde suppleties nog steeds de basisoplossing. Bij een suppletie wordt extra zand aangebracht op de vooroever, de duinen of het strand. Op een breder en hoger strand kunnen de golven breken en verliezen ze hun energie vóór ze schade kunnen toebrengen aan de dijken of de bebouwing.  De aantrekkelijkheid van de kust blijft bovendien behouden en de natuurlijke processen van het waardevolle ecosysteem kunnen blijven plaatsvinden.

Tijdens winterstormvloeden kan een gedeelte van het zand wegspoelen door inbeukende golven en hoge waterstanden. Bij een steiler aangelegd strand kunnen zo kliffen ontstaan. Het weggespoelde zand is echter niet verloren. Het zand wordt afgezet op de vooroever die dienst doet als een soort fundering voor de zandige kust. Door de natuurlijke werking van het getij en golfslag zal op termijn een deel van het zand terug op het strand worden afgezet.
In totaal werd op de stranden van Knokke en De Haan 522.537m³ gesuppleerd.

Veiligheid

Het Maritiem Reddings- en Coördinatiecentrum of MRCC in Oostende van afdeling Scheepvaartbegeleiding is ook onderdeel van het agentschap MDK en registreerde 376 noodoproepen in 2019.
Je mag het MRCC gerust beschouwen als de 112 voor de zee. Van verloren gelopen kinderen, vermiste duikers, gekapseisde vluchtelingenbootjes,  schepen in nood tot milieuverontreiniging – het MRCC coördineert alle (mogelijke) reddingsoperaties op zee en aan de waterlijn. “De meeste oproepen gaan inderdaad over plezierbootjes met een platte batterij of lege tank. De verloren gelopen kinderen vonden we vorige jaar ook allemaal terug (ook al was er eentje bij wie de zoektocht wel zeven lange uren duurde) .
Wij coördineren de varende en vliegende eenheden. De kustreddingsstations bevinden zich in Nieuwpoort, Oostende en Blankenberge. Hierbij werken we samen met Ship Support, Vloot en de Vrijwillige Blankenbergse Zeereddingsdienst. De NH90 van Defensie vertrekt in Koksijde. Via de afsprakenregeling ‘drenkelingen’ staan we ook in contact met de hulpdiensten aan land. Het is één grote samenwerking.
De afdeling Scheepvaartbegeleiding nam vorig jaar samen met de Nederlandse collega’s van Rijkswaterstaat ook negen nieuwe radars in gebruik. Via bemande verkeerscentrales en onbemande radartorens monitoren de verkeersleiders alle nautische bewegingen op de Noordzee en de Westerschelde. Met als ultieme doel: veiligheid en vlot verkeer. “Laten we stellen dat dit ons voor 2019 zeer goed gelukt is – met geen enkele aanvaring of groot incident binnen ons werkingsgebied.”

3,5 miljoen passagiers

Het agentschap zet via Vloot ook een aantal overheidsvaartuigen in. 49 om precies te zijn. Het gaat om schepen die loodsen aan boord van zeeschepen brengen maar ook vaartuigen die de vaarwegmarkering onderhouden, ingezet worden voor politie of douane, reddingsdiensten, hydrografie of als zeewetenschappelijk onderzoeksschip fungeren. Vloot exploiteert ook zeven veerdiensten aan de kust, in het Gentse en in Antwerpen – die vorig jaar in totaal bijna 3,5 miljoen passagiers vervoerden.

De uitdagingen voor dit jaar

We zijn een agentschap in beweging, letterlijk en figuurlijk. We blijven daarom innoveren én onze dienstverlening verbeteren. Samenwerken met alle ketenpartners binnen de ‘nautische keten’ (havens, bedrijven, organisaties en overheden) is daarin cruciaal en daar blijven we ook verder op inzetten. Een ander aspect dat onze aandacht verdient is het klimaat. Wij pakken in onze werking de gevolgen van de klimaatverandering aan (stijgend zeewaterniveau). Maar we hebben ook de ambitie om aan de klimaatverandering as such ons steentje bij te dragen en verstandige en milieubewuste keuzes te maken in onze dagdagelijkse werking. We denken daarbij bijvoorbeeld aan een elektrisch veer, ledverlichting in de vaarwegmarkering en meer sensibilisering rond eco-varen (een manier van varen die minder CO2 uitstoot).

Afdeling Scheepvaartbegeleiding, de havenkapiteinsdiensten in de zeehavens en de Vlaamse Waterweg ontvangen een goed rapport van EMSA. 

Hoewel ons agentschap samen met tal van partners en overheden zorgt voor veilig scheepvaartverkeer, bestaat de kans dat het mis gaat.

In geval van incident, ongeval of andere gevaarlijke situatie op zee is snel actie ondernemen van cruciaal belang. Hiervoor zijn er regels vastgelegd in de Europese richtlijn 2002/59/EC.

Het Europese SafeSeaNet-systeem is een onderdeel van deze richtlijn; het is een monitoring- en informatiesysteem voor de zeescheepvaart.

SafeSeaNet wil:

  • de veiligheid en efficiëntie van het maritiem verkeer in de EU-lidstaten, Noorwegen en IJsland verhogen;
  • de reactie van autoriteiten verbeteren bij incidenten, ongevallen en potentieel gevaarlijke situaties op zee (inclusief opsporings- en reddingsoperaties, gecoördineerd door MRCC Oostende voor het Belgische gedeelte van de Noordzee);
  • bijdragen aan het voorkomen en opsporen van verontreiniging door schepen.

Het European Maritime Safety Agency (EMSA) beheert het SafeSeaNet-systeem.

De deelnemende lidstaten aan Safe Sea Net

 

AFDELING SCHEEPVAARTBEGELEIDING ALS BELGISCHE SAFESEANET NATIONALE COMPETENTE AUTORITEIT

Alle Europese lidstaten zijn verplicht een nationaal SafeSeaNet-systeem in te richten. In België heeft afdeling Scheepvaartbegeleiding de rol heeft als Nationale Competente Aautoriteit (NCA) voor SafeSeaNet. De afdeling heeft hiervoor het SafeSeaBEL-systeem opgezet om de nodige informatie vanuit België automatisch aan te leveren aan het Europese SafeSeaNet.

Naast het beheer van het SafeSeaBEL-systeem, hoort ook de afstemming met de gebruikers en verstrekkers van de gegevens bij het takenpakket. Afdeling Scheepvaartbegeleiding vertegenwoordigt België daarnaast als SafeSeaNet NCA tijdens Europese vergaderingen met andere lidstaten en EMSA.

 

DATAKWALITEIT

De gegevens in SafeSeaNet zijn afkomstig van kapiteins, rederijen, agenten en de havenkapiteinsdiensten in de Belgische zeehavens en de Vlaamse Waterweg. Zij zijn verplicht deze informatie aan te leveren voor elke reis van een zeeschip naar een Belgische zeehaven en de binnenwateren. Hierbij is juistheid, volledigheid en tijdigheid van belang. Dankzij de inzet van al deze actoren zorgen we ervoor dat de datakwaliteit van de informatie aangeleverd vanuit België op een hoog niveau staat.

informatie uitwisseling binnen Safe Sea Net

Scheepvaartbegeleiding controleert op nationaal niveau deze datakwaliteit. Via steekproeven kijken we of de benodigde informatie correct en tijdig wordt aangeleverd. Op Europees niveau is het EMSA die op geregelde basis steekproeven uitvoert, ter ondersteuning van de Europese lidstaten. Begin januari 2020 heeft EMSA voor België het rapport uitgegeven waarbij wordt nagegaan hoe België voldoet aan de verschillende criteria. Daarbij is nogmaals bevestigd dat de datakwaliteit aangeleverd vanuit België op een hoog niveau blijft.

 

Nationale staking heeft impact op de scheepvaart

Intern het agentschap MDK nemen enkele collega’s deel aan de acties. Op dit ogenblik heeft dit geen impact op onze dienstverlening.

Gisterenavond, aan de vooravond van de stakingsdag, besliste het Antwerps Havenbedrijf tot een preventief opvaarverbod op de Schelde voor schepen die een bestemming hebben achter de sluizen.
De schepen werden reeds aan de loodsposten (Vlissingen en Oostende) tegengehouden om files voor de sluizen te vermijden.

De stakingsaanzeggingen bij het havenpersoneel heeft vandaag ook een impact op de nautische keten en de aanloop van schepen naar de Haven van Antwerpen.

Bij schepen die niet kunnen opvaren, kan ook geen loods aan boord gaan om  de reis aan te vatten.

Onze diensten (Vessel Traffic Services, de Gemeenschappelijke Nautische Autoriteit en het Loodswezen) staan in nauw contact met de andere ketenpartners om de opvolging zo efficiënt mogelijk te laten verlopen.

Oponthoud betekent dat er vandaag minder trafiek mogelijk is in onze nautische keten. Maar de situatie zal ook impact hebben achteraf op alle ketenactoren om veilig en vlot de achterstand weg te werken.

In North Sea Port Vlaanderen en in Zeebrugge hebben we geen vertraging genoteerd.

Eventuele updates over onze werking, kan u hier terugvinden.

Loodswezen start met innovatief deelfietssysteem

Om een duurzaam, compleet en kostenbesparend fietssysteem te introduceren, is het Loodswezen een samenwerking aangegaan met Cloudbike & ConnectBike. Deze deelfietsen zullen een aanvulling zijn op de gemotoriseerde vervoersmiddelen.

Het Loodswezen heeft besloten om gebruik te maken van fietsen met smartlock. Dit wil zeggen dat deze fietsen kunnen ont- en vergrendeld worden via een app op de smartphone.

Collega’s rivierloodsen kunnen deze deelfiets gebruiken om vanaf de Kallosluis langs de Schelde naar de opstapplaats van de redeboot te fietsen. Hierbij dragen we bij aan groene mobiliteit waarbij we problemen rond file- en parkeerdruk uit de weg gaan. Eveneens wordt onze CO²-uitstoot op deze manier kleiner. Met de inzet van deze fietsen draagt het Loodswezen bij tot de lucht- en leefkwaliteit in stad en regio.

Loodswezen zet in op gemotiveerde en tevreden medewerkers

Binnen een organisatie kan het personeel zich maar 100% inzetten en kwaliteitsvol werk leveren als men zich goed en gewaardeerd voelt. We zijn er dan ook van overtuigd dat een goede samenwerking en dienstverlening tot stand kan komen door gemotiveerde en tevreden collega’s. Daarom wenst het Loodswezen meer in te zetten op de groepsdynamiek van haar personeel.

Zo vond op 2 januari 2020 het jaarlijkse nieuwjaarsontbijt plaats. In tegenstelling tot voorbije jaren waarbij enkel het administratief personeel hier aanwezig was, werd het dit jaar opengetrokken naar de gehele organisatie: administratieve werkkrachten, loodsdienstplanners, rededienstplanners en loodsen. Iedereen was welkom!

Dit initiatief viel bij heel wat collega’s in de smaak .Na een inspirerende toast op het nieuwe jaar door wnd. Algemeen Directeur Herman Van Driessche kon iedereen genieten van een uitgebreid ontbijtbuffet. Er werd gegeten, gepraat, gelachen, … kortom een geslaagde start van het nieuwe jaar!

Op donderdag 23 januari 2020 werden de oud-collega’s die de voorbije jaren op pensioen gingen in de bloemetjes gezet op onze pensioenviering. Net zoals vorig jaar ging dit door in de Royal Yacht Club in Antwerpen.

Naar goede gewoonte stak wnd. Algemeen Directeur Herman Van Driessche van wal met een welkomstwoord, dat werd gevolgd door een korte carrièreschets van elke gevierde en een reeks leuke en nostalgische anekdotes. Deze sfeervolle namiddag werd afgesloten met een hapje, een drankje en een babbeltje in het bijzijn van alle oud-collega’s, hun partners en enkele collega’s.

 

Tenslotte plant het Loodswezen jaarlijks een teambuilding te organiseren. Dit initiatief ging eind vorig jaar al van start met een interactieve ‘teambowling’. Het was een gezellige avond met veel ambiance. Niet alleen het spel op zich was leuk, maar tevens hadden de collega’s zo de tijd om elkaar beter te leren kennen. Zeker voor herhaling vatbaar!

Mobiliteit en Openbare werken trekt groene kaart

Leidend ambtenaren ondertekenen engagementsverklaring klimaatcel

Brussel 21 januari 2020 – De Lijn, Lantis, De Werkvennootschap, het agentschap Wegen en Verkeer, De Vlaamse Waterweg nv, het agentschap voor Maritieme Dienstverlening en Kust en het Departement Mobiliteit en Openbare Werken bundelen de krachten om de klimaatdoelstellingen van de Vlaamse overheid tegen 2030 te halen. De doelstellingen zijn ambitieus: minstens 40% minder CO2-uitstoot en 27% minder energieverbruik t.o.v. 2015. Om die samenwerking kracht bij te zetten, ondertekenden vandaag alle leidend ambtenaren, met ondersteuning van bevoegd minister Lydia Peeters, een engagementsverklaring in het Errerahuis in Brussel.

Vlnr: Philip de Hollogne (Kabinet minister Lydia Peeters), Roger Kesteloot (De Lijn), Tom Roelants (agentschap Wegen en Verkeer); Wouter Casteels (De Werkvennootschap), Nathalie Balcaen (agentschap voor Maritieme Dienstverlening en Kust), Hans Bruyninckx (Directeur Europees Milieu Agentschap), Filip Boelaert (departement Mobiliteit en Openbare Werken), Chris Danckaerts (De Vlaamse Waterweg nv).

“De uitdagingen zijn groot, zeker voor “het beleidsdomein Mobiliteit en Openbare Werken (MOW)”, verduidelijkt de minister. “Daarom willen de verschillende entiteiten van het beleidsdomein Mobiliteit en Openbare Werken het klimaatdossier concreet, ambitieus en toonaangevend aanpakken, zowel op beleidsniveau als binnen de eigen werking.”

Kennis delen en initiatieven nemen via klimaatcel

De entiteiten van het beleidsdomein hebben op klimaatvlak niet stil gezeten de afgelopen jaren. Nu bundelen ze al hun krachten in een overkoepelende klimaatcel waar kennis gedeeld wordt en allerlei initiatieven samen opgestart. “Zo kunnen we als eigenaar van meer dan 40 overheidsvaartuigen bijvoorbeeld kennis delen over het gebruik van alternatieve brandstoffen aan boord van schepen met de Vlaamse Waterweg”, legt Nathalie Balcaen, administrateur-generaal van het agentschap voor Maritieme Dienstverlening en Kust en tevens initiatiefneemster van de klimaatcel uit.

De klimaatcel gaat voortdurend op zoek naar nieuwe technologieën en studies om ze mogelijk ook in de werking van het beleidsdomein MOW te gebruiken. “VITO (Vlaamse Instelling voor Technologisch Onderzoek) is bezig met studies rond vaste CO2, gaat Nathalie Balcaen verder. “Ik had daar nog nooit van gehoord maar we gaan nu onderzoeken of we deze stof bijvoorbeeld kunnen gebruiken als wegbedekking voor het Agentschap Wegen en Verkeer of voor allerlei zeeweringswerken.  Een win-win: minder CO2 in de lucht en meteen een grondstof voor de (wegen)bouw.” Alle aanwezigen op het ondertekeningsmoment kregen zo’n steentje vast CO2 mee naar huis. “Zo dragen wij allemaal letterlijk ons steentje bij”, aldus Balcaen.

De samenwerking binnen het beleidsdomein MOW verloopt via een vernieuwende structuur met 6 kenniscellen en 15 projecten. Die zijn vastgelegd door het managementcomité van het beleidsdomein en maken dat we grote uitdagingen met gebundelde krachten en vanuit één visie samen aanpakken. Zo zullen we beleidsplannen en beleidsmaatregelen samen ontwikkelen, uitvoeren en opvolgen, vanuit een gemeenschappelijke verantwoordelijkheid voor het hele beleidsdomein”, zegt Filip Boelaert, secretaris-generaal van het Departement Mobiliteit en Openbare Werken.

Gedrag veranderen

Ook Dr. Hans Bruyninckx, directeur van het Europees Milieu Agentschap was getuige van dit ambitieuze startmoment van het beleidsdomein “Uiteraard sta ik positief tegenover een ambitieus plan om mobiliteit op een andere manier te gaan invullen,”  verduidelijkt Dr. Hans Bruyninckx. “ Ik woon nu in Kopenhagen waar 83% van de bevolking wandelt, fietst of gebruik maakt van het openbaar vervoer. Hier in Brussel, is dat een heel ander verhaal. Maar als het in Kopenhagen lukt- moet het hier ook lukken. We moeten ons gedrag veranderen, anders komen we écht in grote problemen. Dat is bovendien niet enkel goed voor het klimaat, maar ook voor luchtkwaliteit, geluidspollutie, onze gezondheid, en de leefbaarheid van onze steden.”

Minister Lydia Peeters vindt het logisch dat het beleidsdomein Mobiliteit en Openbare Werken van de Vlaamse overheid een voortrekkersrol speelt in het behalen van de klimaatdoelstellingen. “Dat staat ook letterlijk in de engagementsverklaring die de leidend ambtenaren vandaag ondertekenden”, aldus minister Lydia Peeters. “Het beleidsdomein MOW heeft de kracht, de wil en de kennis om minimaal de klimaatdoelstellingen van de Vlaamse overheid mee te realiseren. Maar we zullen verder gaan in onze ambities zodat we vanuit die rol ook anderen inspireren: andere Vlaamse departementen, organisaties, maar ook het brede publiek Onze verregaande ambities zullen blijken uit de aard en grootte van onze acties, maar eveneens door de innovatieve technologieën die we inzetten. Dit alles om op termijn klimaatneutraal te kunnen werken.”

Philip de Hollogne, woordvoerder van minister Lydia Peeters, verving de minister tijdens de plechtigheid.

Enkele voorbeelden van concrete beleidsmaatregelen (in onderzoek, opgestart of al in uitvoering)

  • Vervangen van maritieme seinen en lichten door ledlampen
  • Toekennen van hogere scores bij aanbestedingen met een duidelijke energiewinst en minder CO2-uitstoot
  • Advies om percentages gerecycleerd materiaal te gebruiken in betonconstructies
  • Sensibilisering bemanningen schepen rond ‘ecovaren’ waardoor minder brandstof wordt verbruikt
  • Ontwikkeling van energieneutrale projecten (vb Zeesluis in Zeebrugge)
  • Campagnes rond ‘mental shift’
  • Samenwerkingen met bv Blue Bike en Cambio
  • Uitbreiding van het netwerk ‘walstroom’ langs onze bevaarbare rivieren (schepen kunnen groenere elektriciteit vanop het land gebruiken in plaats van hun dieselmotoren te laten draaien)
  • Vergroening van binnenvaart, inclusief onderzoek naar alternatieve brandstoffen
  • Geactualiseerd Sigmaplan, Masterplan Kustveiligheid en Rivierverruiming Maas
  • Pompinstallaties en waterkrachtcentrales op het Albertkanaal
  • Actieplan Droogte en Wateroverlast (korte termijn) of het Waterschaarste en Droogterisicobeheerplan (lange termijn)
  • Investering in elektrische bussen bij het openbaar vervoer

Maar ook binnen de eigen werking van het beleidsdomein MOW is er aandacht voor verlaagde CO2uitstoot en energie-efficiëntie. Enkele voorbeelden:

  • het bestaande wagenpark vervangen door groenere alternatieven (elektrische fietsen, abonnement openbaar vervoer) en elektrische wagen
  • installatie thermostatische kranen
  • energiezuinig bouwen/verbouwen
  • waterrecuperatie
  • zelf energie opwekken
  • gebruik van groene stroom
  • sensibilisering eigen personeel

 

Nieuwe veren op komst

Er wordt hard gewerkt aan de bouw van twee nieuwe veerboten. Watergebonden mobiliteit voor personen organiseren is dan ook één van de doelstellingen opgenomen in de missie van ons agentschap.

Deze schepen zullen op termijn de veerdiensten op de Schelde en in de haven van Oostende versterken. Met een kernteam vanuit dab Vloot (Piet Leeuwerck (scheepsbouw en R&D manager), Maarten De Nolf (superintendent) en Steven Vandevyver (superintendent)) worden de werkzaamheden en vorderingen nauw opgevolgd. Zij staan in voor de technische overlegmomenten met de scheepswerf alsook de regelmatige inspecties ter plaatse.

Het veer voor Oostende is een pioniersproject. Dit zal het eerste volledige elektrisch veer zijn die de vloot van de Vlaamse overheid zal vervoegen. Niet enkel de hogere capaciteit, maar ook de belangrijke bijdrage in het kader van de klimaatdoelstellingen zijn twee kenmerken die dit schip bijzonder maken.

Het veer voor de Schelde zal uitgerust zijn met heel wat moderne technologie. Zo zullen onder meer de zonnepanelen instaan om de elektrische systemen aan boord te voeden.

meer foto’s via: www.welkombijvloot.be 

Nieuwe ISO-certificaten voor afdeling Kust

Afdeling Kust zette het nieuwe jaar in met de vernieuwing van haar ISO-certificaten voor Kwaliteits- en MIlieubeleid. Na een succesvolle externe audit eind 2019 door certificatie-instelling DNV GL werden de certificaten voor ISO9001:2015 Kwaliteitsmanagementsysteemnorm en ISO14001:2015 Milieumanagementsysteemnorm verlengd. Dat afdeling Kust groot belang hecht aan een degelijk Kwaliteits- en Milieubeleid kan je hier lezen.

Sleepdiensten varen mee met rivierloodsen

Een optimale dienstverlening vereist een goede samenwerking tussen de verschillende ketenpartners waaronder sleepbedrijven.

Daarom is een project opgestart waarbij personeelsleden van de sleepbedrijven Boluda Towage en Antwerp Towage N.V. meevaren met de rivierloodsen vanaf Vlissingen Rede tot en met de kade/sluis te Antwerpen. Hierbij kan men onderling expertise delen en de samenwerking versterken. Ook krijgt men hierbij een andere kijk op het sleepbootgebruik.

Dit moet leiden tot het versterken van de ketenwerking.