Een straf meisje in een typische jongensrichting.

Naar aanleiding van Internationale Vrouwendag is areyouwaterproof op zoek gegaan naar een straf meisje/vrouw.  En we hebben haar gevonden!  Maak kennis met Kirsten Thiel, het enige meisje in het 3de jaar Maritieme Technieken Dek in De Scheepvaartschool.

Hoe heb je kennis gemaakt met het maritiem onderwijs?

Het is mijn eerste jaar in een maritieme richting, maar ik heb wel een sterke link met het water. Mijn papa heeft jarenlang gewerkt in de visserij. Hij was stuurman op de Z.510 Dennis, maar nu werkt hij voor het Instituut voor Landbouw-, Visserij- en Voedingsonderzoek (ILVO). Verschillende familieleden zitten in het Maritiem Instituut Mercator in Oostende en volgen ook een maritieme richting. Ik heb nog 2 broers in het lager onderwijs zitten, dus wie weet kiezen ze later ook voor het water.

Waarom koos je voor een maritieme richting?

Het was voor mij een evidente keuze om over te schakelen van een sportrichting naar een maritieme richting. Mijn vriendenkring vond het ook een logische stap. Ik praat blijkbaar voortdurend over schepen, de haven en allerlei andere maritieme facetten.

Ik heb een warm gevoel bij de school.
Er zitten naast mij nog 6 andere meisjes in de school, maar door de coronamaatregelen heb ik ze nog niet ontmoet.

De jongens keken bij de start van het schooljaar wel wat raar, een meisje in onze klas. Maar ik heb snel mijn plaats verdiend. Elke vrijdagochtend varen we uit met de Nele. Zo kunnen we wat praktijkervaring opdoen. Ik moet eerlijk toegeven dat ik al wat ervaring had, want ik heb al meegevaren op een vissersvaartuig en we hebben een klein jacht.

De maritieme vakken Navigatie en Reglementen spreken me het meest aan, vooral:
• De koers bepalen op de kaart met een passer.
• Een schip herkennen op basis van de lichten.
• Het Internationaal aanvaringsreglement, de regels ter voorkoming van aanvaringen op zee.

Ik ben afkomstig van Brugge. Een beetje ver om elke dag te pendelen, dus ik zit op internaat De Spits. Enkele van mijn klasgenoten zitten ook op internaat. Als we samen huiswerk maken of een groepsopdracht voorbereiden, dan rekenen ze op mijn kunde.

Welke koers wil je later uit?

Ik droom ervan om later op een superjacht of een cruiseschip aan het roer te staan. Op het bovendek staan met een uitzicht op de wereldzeeën en ongerepte natuurgebieden.
Het schrikt me niet af om lang van huis weg te zijn!
Maar het plan is om eerst verder te studeren aan de Hogere Zeevaartschool.


Meisjes en vrouwen mogen zeker hun plaats claimen in de maritieme wereld.


Veremans krijgt opfrisbeurt in Oostende

Het hydrografisch peilvaartuig Veremans is tegenwoordig in Oostende te spotten. Het schip heeft als thuishaven Antwerpen en is daarom vooral te zien op de Schelde. Voor een droogdokbeurt ruilde de Veremans de natuurlijke habitat in voor een kort verblijf op een scheepswerf in Oostende. 

Gedurende enkele weken eind februari en begin maart zit het schip in droogdok waar het volledig wordt nagekeken. Er worden heel wat verschillende controles uitgevoerd zoals diktemetingen van het staal van de romp, controle van de buitenboordafsluiters, meting van de speling op de roeren en de schroefas en het opmeten van de ankerketting. De volledige romp krijgt ook een nieuwe laag verf. 

Aan boord van de Veremans bevindt zich heel wat hydrografische apparatuur. Met een single- en multibeam scannen de hydrografen van het team Vlaamse Hydrografie de bodem van de Schelde om vervolgens met de data daarvan zeekaarten te maken. Ook het team Vlaamse Hydrografie maakt van deze droogdokbeurt graag gebruik om onderhoudswerken uit te voeren aan deze apparatuur. 

Superintendent Jan De Kerf begeleidt het droogdok samen met de bemanning van het schip, schipper Stijn Laurent, hoofdmotorist Serge Verelst en matroos Joeri Neudt. Het team volgt de werken aan boord nauwkeurig op in nauwe samenwerking met Dieter Van Campenhout en Kevin Verelst van het team Vlaamse Hydrografie. 

Als alle werken afgerond zijn, zal de Veremans terug naar Antwerpen varen om opnieuw peilingen uit te voeren op de Schelde en zo bij te dragen aan veilig en vlot scheepvaartverkeer. 

Gevaarlijk goed aan boord? Digitaal melden verplicht!

Vanaf 1 maart 2021 is het op alle Vlaamse waterwegen voor binnenvaartschippers die gevaarlijke goederen vervoeren verplicht om reis- en ladinggegevens digitaal te melden.

Vaar je met gevaarlijke goederen door Vlaanderen? Dan wordt verwacht dat jij je melding digitaal doorgeeft. In het kader van veiligheid is het namelijk essentieel dat gegevens van gevaarlijke goederen aan de overheid gemeld worden. Dit is van groot belang in geval van calamiteiten.

De Vlaamse overheid heeft de ambitie om de digitale meldplicht in te voeren voor alle schepen die in Vlaanderen varen. De verplichting voor schepen met gevaarlijke goederen is hierin een eerste belangrijke stap.

Tijd voor actie!

Aan alle schippers die ADN-goederen vervoeren en al digitaal melden, doe zo verder! Meld je nog niet digitaal? Dan vragen we je om zo snel mogelijk actie te ondernemen zodat ook jij je gegevens digitaal kan delen. Je kan dit doen met de gangbare softwarepakketten.

6 maanden tijd om digitaal melden in te voeren

Van 1 maart tot 31 augustus 2021 zal er nog geen handhaving gebeuren op de digitale meldplicht. Zo krijgt iedere schipper de nodige tijd om zich aan te passen aan de nieuwe situatie. Gebruik deze tijd om digitale meldsoftware aan boord te halen als je die nog niet hebt.

Surf naar www.visuris.be/adnmeldplicht voor meer informatie over de digitale meldplicht.

Diepterecord verbroken in Deurganckdok

De eerste proefvaart in het kader van een mogelijke uitbreiding van de maximale diepgang van de Westerschelde is met succes uitgevoerd. Op zondag 28 februari 2021 is de MSC Regulus de haven van Antwerpen binnengekomen met een diepgang van 15,7 meter, een nieuw record. Het is de eerste in een reeks proefvaarten waar de diepgang zal worden opgevoerd tot 16 meter. Deze diepgang is nodig om in de toekomst de allergrootste containerschepen te kunnen blijven ontvangen. Het proefproject is een samenwerking tussen Port of Antwerp, het Vlaams en Nederlands Loodswezen, de Vessel Traffic Services, de Gemeenschappelijke Nautische Autoriteit en rederij MSC.

MSC Regulus vaart Port of Antwerp binnen.


De huidige maximumdiepgang van de Westerschelde voor containerschepen die naar Antwerpen opvaren, bedraagt 15,5 meter. Om in de toekomst de allergrootste zeeschepen toe te laten om Antwerpen als eerste aanloophaven te kiezen, is een diepgang bij opvaart van 16 meter nodig. Daarom werd besloten om een reeks proefvaarten uit te voeren waarbij de maximale diepgang gradueel wordt opgevoerd naar 16 meter. Door deze verhoging wordt de laadcapaciteit van de schepen aanzienlijk groter. Vijf decimeter extra kan circa 1000 TEU winst opleveren.

De opvaart voor diepliggende schepen wordt bepaald door het getij. Tijdens de hogere waterstand spreekt men van een ‘tijvenster’ waarbij een dieper schip kan op- of afvaren. Om vlot en veilig scheepvaartverkeer te garanderen, voerde het agentschap MDK eerst een zorgvuldig theoretisch onderzoek. Zowel de berekening van de tijvensters als de simulaties hebben aangetoond dat scheepvaart met een diepgang van 16 meter mogelijk is op de Westerschelde.

De graduele verhoging van de diepgang wordt door zowel Vlaamse als Nederlandse loodsen getest. Na elke diepgangtest volgt een evaluatie en worden de ervaringen uitgewisseld waarbij ook de GNA betrokken is. Na zes proefvaarten volgt een eindevaluatie en wordt een finale beslissing genomen over de opvaart van schepen met een diepgang van 16 meter.

“De graduele verhoging van scheepvaart tot een maximum diepgang van 16 meter betekent een aanzienlijke optimalisatie van de laadcapaciteit. Jarenlange ervaring, nautisch expertise en een sterke samenwerking over de landsgrenzen heen maken deze testvaarten mogelijk en verhogen de economische welvaart in Vlaanderen. De nautische keten wordt steeds robuuster en zoekt – met succes – de grenzen op van wat veilig haalbaar is,” aldus Nathalie Balcaen, administrateur-generaal van het agentschap MDK én Permanent Commissaris van Toezicht op de Scheldevaart.

Lees het volledige persbericht.

Raadgevend comité MDK komt voor de eerste keer samen

Het agentschap voor Maritieme Dienstverlening en Kust (MDK) kan sinds vandaag beroep doen op een onafhankelijk adviesorgaan: het raadgevend comité. Dit overlegcomité zal een klankbord vormen voor het agentschap. Hierdoor kan MDK nog nauwer samenwerken met de stakeholders en op structurele basis advies van de partners verkrijgen.

Adviesorgaan

“Via de oprichting van dit overlegcomité kunnen bepaalde topics structureel besproken worden, in plaats van op een ‘ad hoc-basis’, dit biedt mogelijkheden. Het is positief dat het agentschap MDK op deze manier een klankbord krijgt om zo de optimalisatie van de dienstverlening te blijven garanderen,” zegt minister Lydia Peeters.
Het raadgevend comité kan op vraag van het agentschap niet enkel adviezen verlenen, maar ook zelf voorstellen formuleren aan het hoofd van het agentschap MDK, dit vanuit hun eigen expertise.

Samenstelling raadgevend comité

Het raadgevend comité van het agentschap MDK bestaat uit dertien leden. Deze werden benoemd door de bevoegde Vlaamse minister voor een periode van vier jaar. Wie erin zetelt, werd vastgelegd door een beslissing van de Vlaamse Regering. Het raadgevend comité bestaat uit volgende leden: Jacques Vandermeiren (Port of Antwerp), Tessy Vanhoenacker (GHA), Astrid Vliebergh (North Sea Port), Dirk Declerck (Port Ostend), Ghanima Van de Venne (Port of Zeebrugge), Katrien Moens (VegHO), Stefaan Hoppe (APZI), Annemie Vermeylen (OHV), Stephan Vanfraechem (Alfaport), Eddy Wouters (NAVES), Jan Blomme (Havencommissaris), Désirée Oen (EC) en voorzitter Isabelle Ryckbost (ESPO).

“Het is tweerichtingsverkeer, als raadgevend comité kunnen we niet alleen advies verlenen, we kunnen ook een initiator zijn en actief voorstellen doen. Er zit heel wat expertise vervat onder de leden, het raadgevend comité zal als een belangrijke partner fungeren voor het agentschap,” aldus de voorzitter van het raadgevend comité, Isabelle Ryckbost.    

Nieuwe ebbedeuren voor Mercatorsluis Oostende

Vanaf 1 maart vernieuwt het agentschap van Maritieme Dienstverlening en Kust de afwaartse ebbedeuren van de Mercatorsluis in Oostende, dat zijn de ebbedeuren richting zee. De sluis zal hierdoor gedurende 2 à 3 weken volledig gestremd zijn. Vaartuigen zullen in die periode enkel bij hoog water in en uit het dok kunnen varen. Doordat de werken buiten het vaarseizoen gebeuren blijft de hinder voor de pleziervaart beperkt.

De huidige ebbedeuren zijn aan vervanging toe. Er gaat te veel water door de deuren waardoor het dok niet meer op peil gehouden kan worden.

Op deze tekening kan je zien wat de ebbe- en vloeddeuren van een sluis zijn.

Duin voor dijk

Stormweer aan de kust zorgt in Raversijde vaak voor extreme zandoverlast op de kustbaan en de tramsporen. Een duin voor dijk moet daar een structurele oplossing vormen. Ons agentschap en stad Oostende starten in maart met de aanleg ervan.

Ons land heeft een zandige kust. Het strand zorgt voor een natuurlijke bescherming tegen overstromingen. Tegelijkertijd is er zo ruimte voor recreatie en natuur. Wind zorgt ervoor dat het zand beweegt, van west naar oost langs de kust maar ook landinwaarts. Zand dat zich richting het land beweegt kan duinen gaan vormen, wat opnieuw goed is voor de bescherming tegen overstromingen. Waar er geen duinen zijn, maar waar bijvoorbeeld dijken de bescherming vormen, kan het zand voor overlast zorgen bij hevige storm.

Vooral in Raversijde kost het jaarlijks heel wat inspanningen om de kustbaan en de tramsporen vrij te maken van overgewaaid zand. De betonnen muurtjes die nu al op de zeedijk staan, houden een deel van het opwaaiend zand tegen maar zijn onvoldoende bij hevige storm.

Een duin voor dijk moet er in de toekomst meer zand vasthouden op het strand bij stormweer en hevige wind. Tegelijk zal de groeiende duin hier zorgen voor meer gevarieerde natuur en betere bescherming tegen overstromingen. Over een lengte van ongeveer 700 meter planten we voor de dijk verschillende vakken van 10 maal 10 meter aan met rijshouthagen en helmgras.

Proefproject

De vakken met helmgras zullen door de wind natuurlijk aangroeien met zand waardoor op termijn een duinstrook ontstaat. Dit zorgt ervoor dat het zand op het strand blijft, wat een goede zaak is voor de zeewering. De zone met de duin voor dijk is voor het agentschap MDK en Stad Oostende tegelijkertijd ook een proefproject.

“ In eerste instantie willen we nagaan in welke mate de duinenstrook zand kan opvangen. We weten dat er een groot potentieel is om het zand op te vangen maar concrete cijfers ontbreken. Graag zouden we in de vakken experimenteren met verschillende samenstellingen” vertelt projectingenieur Daphné Thoon. “Variatie brengen in de hoogte of dichtheid van de rijshouthagen of in de dichtheid van het helmgras kan ons meer informatie geven over de ideale aanlegmethode van het duin. Samen met de academische wereld zullen we met dit proefproject lessen trekken op vlak van zandtransport en de natuurontwikkeling zodat we deze oplossing in de toekomst ook kunnen toepassen in andere zones langs onze kust .”

De aanplant van het helmgras start op 1 maart en moet tegen eind maart afgewerkt zijn. De aangeplante vakken zullen nog niet meteen hun volledige zandvangende capaciteit hebben. Tussen de dijk en de vakken met helmgras zal daarom een geul van ongeveer één meter diep dienen als eerste zandvang.

Nieuwe vloer op de zeedijk

Tegelijkertijd met de duin voor dijk vernieuwen we ook de zeedijkvloer tussen de Westlaan en de Diksmuidestraat. De betonnen new jerseys die al aanwezig zijn op de zeedijk plaatsen we na de heraanleg van de vloer terug. Waar er nog geen new jerseys staan, plaatsen we nieuwe. Die moeten verhinderen dat er zand doorwaait op de sporen en de kustbaan. Ze vormen meteen ook een veilige afscheiding tussen de gebruikers van de zeedijk en de tramsporen. Na de paasvakantie starten we aan het stuk tussen de Westlaan tot aan de Dorpstraat. Na de zomervakantie is het de beurt aan de zone tussen de Dorpstraat en de Diksmuidestraat. Voor wandelaars en fietsers zal een omleiding voorzien zijn.

Project met Europese steun

Het project in Raversijde is een proefproject binnen het Interreg Project SARCC – Sustainable and Resilient Coastal Cities. De projectpartners gaan hier op zoek naar natuurgebaseerde oplossingen (nature based solutions) om schade veroorzaakt door overstromingen aan de kust te voorkomen. Zowel het agentschap MDK als stad Oostende zijn partner in het Europees project.

Suppletie Duinbergen vroeger van start

Onder een stralende lentezon en met heel wat kijklustigen is gisteren een week vroeger dan gepland de strandsuppletie in Duinbergen gestart. Tot aan de Paasvakantie brengt het agentschap voor Maritieme Dienstverlening en Kust ruim 900.000m³ zand aan op het strand tussen de Parkstraat en de Zeerobbenlaan.

Vanuit de haven van Zeebrugge loopt een persleiding over het hele strand rond de Baai van Heist tot net voorbij Duin 45. Hier is aannemer Jan De Nul gisteren gestart met opspuiten. De werken zullen stelselmatig opschuiven tot net voorbij de Zeerobbenlaan.

De sleephopperzuiger Pedro Álvares Cabral spuit vanuit de haven zand via de persleiding op het strand. Doordat het schip vanuit de haven kan werken zijn de werken minder afhankelijk van het getij en kan de suppletie vlugger en vlotter verlopen.

Waarom suppleren we?

Om onze kust te beschermen tegen overstromingen voert afdeling Kust sinds 2011 de maatregelen uit het Masterplan Kustveiligheid uit. Bij de uitvoering gaan we uit van het principe “zacht waar het kan, hard waar het moet”. Dat wil zeggen dat we waar het aangewezen is, een hoger en breder strand creëren door extra zand aan te voeren op het strand. Zandsuppleties blijven nog steeds de meest effectieve maatregel om ons te beschermen tegen overstromingen vanuit zee, ook al vragen ze regelmatig onderhoud. Een breed en hoog strand zorgt ervoor dat de golven gebroken worden en dat ze hun energie verliezen vóór ze schade kunnen toebrengen aan de zeedijk en de bebouwing.

Om ervoor te zorgen dat het veiligheidsniveau behouden wordt, namelijk bescherming bieden tegen een 1000-jarige stormvloed, zijn regelmatig onderhoudssuppleties nodig.

Werken Havenstraat – Franchommelaan in Blankenberge

In september 2020 startte het agentschap voor Maritieme Dienstverlening en Kust (MDK) aan de noodzakelijke maatregelen om Blankenberge en het achterland te beschermen tegen zware stormvloeden. Bij de bouw van de nieuwe kaaimuren in de Franchommelaan en de Havenstraat werden we in het najaar vorig jaar geconfronteerd met onvoorziene omstandigheden. Hierdoor lagen de werken noodgedwongen een hele periode stil. Dat betekent ook dat de voorziene einddatum van juni 2021 niet meer haalbaar is en februari 2022 wordt. Het goede nieuws is dat de aannemer na bijkomend onderzoek begin dit jaar de werken opnieuw heeft kunnen aanvatten. 

Aanpassing aan ontwerp

“Zowel in de Franchommelaan als in de Havenstraat stelden we een probleem vast met het aanvulzand achter de damwanden”, vertelt projectingenieur Niels Vanmassenhove.“Daarom werd beslist om eerst nog extra grond op te voeren vooraleer de verharding aan te brengen. Zo kan de verharding in de toekomst niet verzakken.”
Bij het plaatsen van de damwand zelf in de Havenstraat botste de aannemer op een tweede probleem. De grondlagen in het water blijken grote afwijkingen te vertonen ten opzichte van de grondlagen op het land. Om later stabiliteitsproblemen aan de kaaimuur te voorkomen, moet de damwand er terug uit en is een aanpassing aan het ontwerp nodig. De damwand moet langer worden, zodat hij dieper in de grond kan. Hetzelfde moet gebeuren met de ankerwand aan de voorzijde van het windscherm. Voor die ankerwand is bovendien extra verankering nodig.

Impact

  • De einddatum van de werken verschuift van juni 2021 naar februari 2022
  • We onderzoeken momenteel om in de zomervakantie, behalve tijdens het bouwverlof, enkele geluidsarme activiteiten uit te kunnen voeren maar dat staat nog niet vast.
  • In de zomervakantie zullen de parkeerplaatsen aan de Barcadère en de Havenstraat niet beschikbaar zijn. Het Lokaal Bestuur zoekt momenteel naar een alternatief.
  • De Havenstraat blijft volledig afgesloten. Voetgangers kunnen door het Leopoldpark tot in de Franchommelaan of zeedijk. Fietsers en auto’s dienen de aangeduide omleidingsroute te volgen.
  • Voor de jachtclubs voorzien we in het voorjaar tijdelijke steigers zodat zij toch van het vaarseizoen kunnen genieten.
  • Van 22/2/2021 tot 26/2/2021 moeten er palen in de bodem geklopt worden. Dit zal heel wat geluidshinder met zich meebrengen. Het inkloppen gebeurt telkens van 9u tot 17u.

Desondanks deze vertraging, zet het agentschap MDK zich volop in om aan veilig en mooi Blankenberge te werken.

Meer info over het project vind je hier.

Elektrisch veer als duurzaam baken op de Schelde

Het agentschap voor Maritieme Dienstverlening en Kust (MDK) start met de uitvoering van het project om een tweede elektrische veerboot toe te voegen aan de Vlaamse vloot. Deze keer krijgt de nieuwe veerboot ‘Antwerpen’ als thuishaven. “Een sterk staaltje technologie en opnieuw enkele stappen richting een groenere toekomst voor personenmobiliteit in Vlaanderen,” aldus Vlaams minister voor Mobiliteit en Openbare Werken Lydia Peeters.

Dat personenmobiliteit via het water aan belang wint, is al langer duidelijk. We staan met z’n allen veel te vaak in de file, terwijl er mooie alternatieven zijn om de bestemming te bereiken. MDK zet jaarlijks heel wat passagiers over, waarvan een groot deel puur woon-werkverkeer is. “Zeker als we naar de regio rond Antwerpen kijken, zien we dat veel mensen kiezen voor het veer in het kader van hun woon-werk- of woon-schoolverplaatsing,” duidt Nathalie Balcaen, administrateur-generaal van MDK. “Duurzame mobiliteit is dan ook de toekomst waar we met ons agentschap ten volle in willen investeren.

Veerdiensten zijn belangrijke schakels in onze mobiliteit. Door gericht te investeren, verhogen we niet alleen de kwaliteit van de dienstverlening voor de gebruikers, maar dragen we ook bij aan een kwalitatieve omgeving,” duidt minister Lydia Peeters. “Met een investering van 5,4 miljoen euro in een elektrisch veer, zetten we weer enkele stappen om een groenere toekomst te realiseren.

Vloot, afdeling van het agentschap MDK, volgt de scheepsbouwprojecten op. Het elektrisch veer zal 150 passagiers kunnen overzetten en daarnaast ruimte bieden voor 75 fietsen. Voor Vloot zal dit het tweede elektrische exemplaar zijn, maar de eerste op de Schelde. De veerboot zal uitgerust zijn met de modernste technologie. Zo is LED-verlichting de norm, zullen zonnepanelen voorzien zijn en werken de elektrische motoren als prime-movers voor het schip. “Wanneer we de veerboot exact zullen zien varen op de Schelde, is nog te vroeg om te zeggen. We verwachten dit schip ergens in het najaar van 2022,” vult Nathalie Balcaen aan.

Het elektrisch veer voor de Schelde is één van de twee nieuwe veerboten voor deze regio aangekondigd door MDK en het tweede elektrisch vaartuig dat zal ingezet worden voor personenmobiliteit in Vlaanderen.